"Vleesconsumptie"

door Malou van Hintum
(met toestemming overgenomen uit Vrij Nederland, 4 september 1999)

Slachtafval, kadavers, vervuilde uitwerpselen, resten reinigingsmiddelen, ouwe medicijnen, dioxinen, verboden hormonen, pcb's en oneetbare olie - smakelijk eten! Dankzij het ministerie van Volksgezondheid mogen afvalbedrijven tegenwoordig hun toiletten niet meer zo lozen dat de poep van de eigen medewerkers via de veevoergrondstoffen toch weer in menselijke magen terechtkomt - bravo! De bedrijfswaterzuivering mag trouwens nog steeds wel voor dat doel gebruikt worden - die bevat onder meer slachtafval dat van de snijtafels op de grond is gevallen.
Als het waar is dat je bent wat je eet, dan ziet het er voor het gros van de Nederlanders niet best uit. Nooit werd het begrip 'vuilnisbakkenras' plastischer ingevuld dan tegenwoordig. Maar het schijnt niemand te deren. De vleesconsumptie is het afgelopen jaar met bijna een kilo per Nederlander toegenomen tot 88,3 kilo vlees per jaar. Min die vijf procent vegetariërs natuurlijk, dus het is zelfs nog wat meer. Vlees mevrouw, u weet wel waarom. Leg neer, die gehaktbal. Mjammie!
Dat de consumptie van dierlijke vetten en eiwitten onstuitbaar is, is hoogst verwonderlijk. Geen dioxinekip of salmonella-ei zorgt voor een dramatische toename van vegetariërs, laat staan van veganisten. Genetisch gemanipuleerde soja, ja, daar zeuren de mensen wel over. Dat vinden zij eng. Maar een hamlap die zijn bestaan dankt aan diermeel en darmen - who cares? En dat terwijl inmiddels uit en te na bewezen is dat vlees eten de kans op kanker vergroot en dat de salmonellabacterie als een regelrechte moordenaar onder onze senioren rondwaart.
De zegeningen van zuivel worden inmiddels ook alom betwijfeld - Joris Driepinter met zijn drie glazen melk per dag diende destijds toch voor al om Nederlandse boeren aan een afzetmarkt te helpen. Melk drinken is helemaal niet zo gezond, kaas is in de regel veel te vet en eieren kun je maar beter laten staan als je cholesterolgehalte op het juiste peil wilt houden. Allemaal waarheden als koeien, maar alleen een enkeling trekt zich er iets van aan. De rest kluift gewoon zijn muur spare-ribs af - met dank aan de Argentijn die tenminste begrijpt dat Nederlanders graag een groot, vol bord voor weinig geld hebben.
Ondertussen wentelt heel Nederland zich onder zonnebank, laten tienduizenden landgenoten vet wegzuigen en rimpels rechttrekken, worden tanden gewit, flaporen geplet en versieren we ons lichaam met een of meer tattoo's of piercings. We slikken zelfs anabole steroïden om te kunnen pronken met onze door spierbundels verfraaide fysiek.
Conclusie: we zijn een land van uiterlijke schijn. Hoe meer rommel we in ons lichaam stoppen, des te meer we de buitenkant oppoetsen. Intussen houden we onszelf en elkaar gevangen in de illusie dat wij zelf, met ons strakke pannetje en stralende voorkomen, het levend bewijs zijn van de stelling dat zelfs de grootste vuiligheid probleemloos omgezet kan worden in schoonheid. Behalve stront in ons lijf, hebben we ook nog stront in onze ogen. Nog een karbonaadje?