Het afsteken van vuurwerk rond de jaarwisseling, als vanouds bedoeld om boze geesten te verjagen en om bescherming te bieden tegen het kwaad (meer dan 1000 slachtoffers per jaar!), wordt als traditie niet enkel gehandhaafd, het neemt per jaar met grote hoeveelheden toe en met zwaarder geschut.   Voor, tijdens en na de jaarwisseling wordt circa 10 miljoen kg (zo'n 40 miljoen euro) aan klein vuurwerk de lucht in geschoten. Daar komt nog ongeveer 30% aan illegaal vuurwerk bij. Het grootste deel (90%) is siervuurwerk, de rest is knalvuurwerk.
     

Met het verjagen van boze geesten is de mens zelf een boze geest geworden.

Als groot pleiter voor de oprichting van een bond tegen vuurwerk hoef ik maar één overweging in ogenschouw te nemen, namelijk de volgende: Het plezier dat aan het afsteken van vuurwerk wordt beleefd staat niet in verhouding tot gemeenschappelijke schade, persoonlijk leed, lucht- en bodemvervuiling en dierenleed.
Successievelijk komen gemeenten, bijna drie maanden na de jaarwisseling, tot de conclusie dat de schade door vernielingen aan gemeentelijke eigendommen tijdens de afgelopen jaarwisseling, aanmerkelijk hoger is uitgevallen dan vorig jaar. Men wijt de hogere schadepost onder meer aan zwaarder vuurwerk. Artikel 10 van onze Grondwet zegt het volgende: "Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer." Het betekent dat dieren in onze maatschappij geheel afhankelijk zijn van de goedwillendheid van de mens omdat de Grondwet niet voor dieren geldt. Er zijn gemeenten en in het volgende geval, de dierenbescherming, die maatregelen treffen uitsluitend gebaseerd op eigen inzicht en beschikbare middelen.
Mijn dochter was getuige van het volgende: een stel opgeschoten jongeren bekogelde personeel van de dierenbescherming met zwaar vuurwerk op het moment dat zij pasgeboren eenden bescherming tegen vuurwerk boden. De vrijwilligers moesten nu zelf oppassen hierbij geen verwondingen op te lopen. Dat dit gebeurde tijdens een dergelijke hulpactie is diep treurig. Na het in veiligheid brengen van de jonge eendjes werd een vergeefse achtervolging ingezet. Het incident staat niet op zichzelf. De grote excessen komen in de krant. Het geval van de jonge eendjes is niet belangrijk genoeg te vermelden, althans we zagen er niets van terug.  

     

Milieu

De resterende stoffen zijn belastend voor het milieu. Ze komen terecht in bodem, lucht en water. Bij knalvuurwerk komt voornamelijk het broeikasgas kooldioxide vrij. Bij siervuurwerk komen daarnaast stofdeeltjes vrij, waaronder metaaldeeltjes.
In het nieuwe Vuurwerkbesluit, vastgesteld op 22 januari 2002 en gewijzigd in 2004, heeft de overheid vastgelegd wat onder consumentenvuurwerk en onder professioneel vuurwerk wordt verstaan, en welke productveiligheidseisen moeten worden nageleefd. Er wordt ondermeer gesteld dat verkoop van consumentenvuurwerk alleen toegestaan is  tijdens de laatste 3 dagen van het jaar. Per levering mag niet meer dan 10 kilo vuurwerk verkocht worden aan particulieren. Ook mag je niet meer dan 10 kilo vuurwerk (!) in je bezit hebben als je op straat loopt. Het nieuwe Vuurwerkbesluit laat toe dat er nog harder geknald kan worden. Zal het de persoonlijke levenssfeer van de vuurwerkverknaller verbeteren? (art. 10 van de Grondwet). Wanneer een wet zoals het Vuurwerkbesluit de mogelijkheid biedt zwaarder vuurwerk te maken en te kopen, zou men toch eerst moeten weten wie hiermee gediend is en wie niet. Nu is het de fabrikant die hierbij gebaat is (én het asiel - dierenliefhebbers brengen hun huisdier massaal voor een paar dagen naar het asiel).  

Na het afsteken van het vuurwerk blijven de restanten op de grond liggen.  Dit is jaarlijks ongeveer 6 miljoen kilogram afval dat voornamelijk bestaat uit papier (van het knal- en siervuurwerk) en hout, kunststof en klei (van het siervuurwerk). Het merendeel komt bij het huishoudelijk afval en het straatvuil terecht.

Tijdens de jaarwisseling is de lucht vol met fijn stof (smog). Behalve fijn stof komen er gasvormige stoffen (distikstofoxide, zwaveldioxide, methaan, koolstofdioxide, zwavelwaterstof en koolstofmonoxide) in de lucht terecht. Op sommige plaatsen kan de concentratie fijn stof in de nieuwjaarsnacht enkele uren 5 à 6 keer zo hoog zijn als normaal.
Bij het afsteken van met name siervuurwerk komen naast verbrandingsgassen, ook metalen vrij, zoals barium, koper, strontium en antimoon. De totale uitstoot van deze stoffen overschrijdt echter geen maximaal toelaatbare grenzen voor het oppervlaktewater, bodem of lucht. Dit geldt alleen niet voor koper, waarvan op veel plaatsen in het oppervlaktewater de concentratie boven de maximaal toelaatbare grens uitkomt. Circa 15% van de totale belasting van het oppervlaktewater door koper is afkomstig van vuurwerk. Koper is giftig voor planten en dieren, wanneer de natuurlijke gehaltes worden overschreden.

     

Terug naar de eenden: dat het vuurwerk voor dieren rampzalig is behoeft geen betoog en niemand gaat met zijn hond op zijn armen gezellig naar het vuurwerk kijken. Broedende zwanen die door een boer met zijn maaimachine worden overreden. Wie maalt erom? Levende vissen die door een hengelaar in een plastic zak worden bewaard op de wallenkant? We noemen het sport. De dierenbescherming heeft nooit iets bereikt. De trekhond werd pas verboden toen het vervoer allang was gemotoriseerd.
Wie moet nu die kar gaan trekken? Als het artikel nauwelijks werkt in de praktijk, wordt het dan niet tijd dat het in de Grondwet wordt geregeld? In het Regeerakkoord staat echter niets over de bescherming van het dier, laat staan over het recht van het dier.
Hollanders zijn minstens zo dwaas met vuurwerk als Spanjaarden met stierenvechten. Bij ons moeten zich per jaar zelfs meer dan 1000 slachtoffers laten behandelen. Wanneer we dat tolereren, hoe kunnen we dan nog het dier bescherming bieden?

Frans Roos
Zoetermeer, 22 februari 2007
e-mail: roses@wish.net