Klik op het rode driehoekje () om de link te volgen naar het artikel.

Deze tekst is een gedeelte van het Contactblad "Relatie Mens en Dier" met toestemming overgenomen van de stichting Rechten Voor Al Wat Leeft.

  Onderwerpen:

Nieuwjaar
Hubertusmissen
Jager-spijtoptant (2)
Wist u dat .....
Zwerfkattenbeheer zonder geweer
Omroep voor dieren, natuur en milieu
Tegen eigen motie gestemd
CO2-gasbedwelming voor varkens -
De leugen regeert nog steeds
Duivensport

   

Nieuwjaar

Wij wensen u allemaal een goed en gezond 2014 toe! Zoals ieder jaar hopen we ook nu weer dat er in het nieuwe jaar weer iets mag verbeteren in het lot van de miljoenen dieren die lijden onder het juk van hebzucht, egoïsme en domme wreedheid van de mens. Mensen die met dieren begaan zijn lijden zelf ook onder het leed wat dieren wordt aangedaan. Het gevoel van machteloosheid, het niet in staat zijn om verkeerde structuren te veranderen maakt velen ongelukkig. Maar, al voelt u zich in uw eigen omgeving misschien alleen in dat gevoel, weet dat u beslist niet alleen staat. Ook als we over de grenzen van ons eigen land kijken, dan zien we dat er een grote bewustwording op gang komt. Maar, zult u zeggen, we zien ook zoveel wreedheid op de televisie! Zoals laatst nu weer met die angorakonijnen in China, die vastgebonden worden en gewoon levend de haren uit hun huid worden getrokken! We horen nog het gekrijs van de arme stumpertjes, die na deze “operatie” half kaal en totaal ontredderd weer in hun hokje worden gegooid. Ongetwijfeld hebt u het gezien, want niet alleen Radar vertoonde deze beelden, maar ook diverse journaals!
Ja, dat alles is verschrikkelijk, en je vraagt je af hoe mensen dat ­kunnen doen, de hele dag door, dag-in, dag-uit, afgestompt als ze zijn…..
Maar…, er komt de laatste tijd ook ontzettend veel aan het licht, dat tot voor kort niemand wist! Daar schrikken we enorm van, en we voelen ons er wanhopig onder en geschokt, maar tegelijk beseffen we dat het een héél goede zaak is dat dergelijke dingen boven ­tafel komen. Want het resultaat van deze beelden was een enorme commotie onder ­allen die het gezien hebben. Wie wil er nu nog angorawol kopen, of producten van angorawol? En welke winkels durven het nu nog te verkopen zonder zich te moeten verdedigen tegenover de klanten? En we kunnen erop rekenen dat zulke beelden niet alleen in ­Nederland op t.v. komen, maar wereldwijd verspreid worden. Daar zorgt internet wel voor.
En, zelfs in een land als China, bekend om z’n meedogenloze wreedheid tegen ­dieren, komt steeds meer protest vanuit het volk, er ontstaan dierenbelangen­groeperingen, en niet geheel zonder succes. Zo houden sommige Chinese pluimveebedrijven scharrel­kippen, en dat is voor China al héél wat!

In het julinummer van ons contactblad schreven we ook over een andere zeer wrede vorm van dierenmishandeling, die van de Merinoschapen in ­Australië. Op de merinofarms worden de schapen zonder verdoving verminkt en vaak ­levend gevild. Alles om die mooie merinowol te produceren waar de be­kende UGG-laarzen en kledingstukken van worden gemaakt die ook in ons land ­worden verkocht. Ook dát onderwerp zou vertoond moeten worden bij Radar en in de journaals! Wie zou deze producten dan nog durven kopen en verkopen?
Maar laten we ook en vooral de misstanden in ons eigen land niet vergeten: het leed in de slachthuizen, o.a. bij de CO2-gasbedwelming voor varkens bij o.a. VION in ­Boxtel, de CO2-gasverstikkingsdood van duizenden ganzen, de wrede waterbad­bedwelming bij kippen in de pluimveeslachterijen, de ellende in de intensieve veehouderij, de ­onverdoofde rituele slacht, de verschrikkelijke jacht….

We wensen u en elkaar weer heel veel moed en we hopen ook dit jaar op uw ­broodnodige steun!
In dit contactblad besteden we veel aandacht aan de jacht. Het jachtseizoen is weer geopend en veel dieren zullen weer het loodje leggen. De Hubertusmissen in de r.k. kerken zijn ons een doorn in het oog en daarom beginnen we met nieuws over dit onderwerp.

   

Hubertusmissen

In het laatste kwartaal van 2013 zijn we weer druk geweest met de Sint-Hubertus­missen, die in november in veel katholieke kerken worden gevierd. In 2010 en 2011 hebben we ook ons best gedaan om deze missen afgeschaft te krijgen.

U vraagt zich misschien af waarom we ons hierover zo druk maken. Want, zult u zeggen, met afschaffing van de Hubertusmis is de jacht nog niet verdwenen?! Nee, zeker niet. Maar we vinden het een ergerlijke zaak dat de jacht in de Hubertusmis wordt verheerlijkt en de jagers met hun jachthonden (en soms met hun geweren) worden ­gezegend. Dat de jagers zich hierdoor zeér gewaardeerd voelen en maatschappelijk aanvaard in hun bloedige hobby. En dat terwijl het grootste deel van de bevolking ­tegen de plezierjacht is! Bovendien is het zeér onlogisch dat deze missen  ter ere van Sint Hubertus worden gehouden, en dat deze goede man de patroonheilige van de jacht wordt genoemd, wat hij eigenlijk juist helemaal niet is. De ‘Hubertuslegende’ vertelt juist dat hij zich bekeerde van de jacht.

In 2010 hebben we een brief geschreven naar de Nederlandse Bisschoppen­conferentie waarin wij hebben getracht het tegenstrijdige hiervan uit te leggen aan de bisschoppen. Wij kregen toen een kort briefje terug dat de bisschoppen bij hun standpunt bleven, en dat wij ons in voorkomende gevallen maar tot de locale ­bisschop moesten wenden. Dat hebben we gedaan. We schreven brieven naar ­diverse bisdommen waarin we vroegen om een gesprek over de Hubertusmissen. In twee gevallen heeft dat énig succes gehad: In Haarlem hadden we een heel prettig gesprek met Bisschop Punt en ook met Bisdom Rotterdam hebben we goed kunnen spreken. De bisschop van Roermond stuurde ons een kort antwoordje, waarin hij amper op de zaak inging, en alleen schreef bij zijn standpunt te blijven. Op een ­reactie van onze kant hebben wij geen antwoord meer gekregen. Op onze brieven naar het Aartsbisdom in Utrecht en Bisdom Breda hebben wij helemaal nooit een reactie ontvangen, zelfs niet na herhaald telefonisch aandringen van onze kant.

Tot dan toe hadden wij pers en media erbuiten gelaten, maar gezien het povere resultaat besloten wij, samen met Stichting De Faunabescherming, het dit keer wel in de publiciteit te brengen. Een van de bisdommen die nog niet door ons benaderd waren was Bisdom ’s Hertogenbosch. Omdat er in dat bisdom ook weer diverse Hubertusmissen aangekondigd waren schreven wij met de Faunabescherming een brief aan de bisschop aldaar, en deelden dat feit ook gezamenlijk op 1 november 2013 aan pers en media mee in het volgende persbericht:

Sint-Hubertusmis in Rooms-Katholieke Kerk niet meer van deze tijd
In een brief aan Bisschop Hurkmans van Bisdom ‘s Hertogenbosch hebben Stichting De Faunabescherming en Stichting Rechten voor al wat leeft gevraagd om een gesprek met de Bisschop over de Hubertusmissen die in dit jaargetijde onder andere in zijn bisdom worden gehouden. In deze brief refereren de organisaties aan een eerdere brief die zij schreven aan de Nederlandse Bisschoppenconferentie.

In deze periode van het jaar worden de jaarlijkse Hubertusvieringen gehouden in Rooms-Katholieke kerken. Deze vieringen worden druk bezocht door jagers en veelal opgeluisterd door jachthoornblazers. De kerk wordt rijkelijk versierd met gedode ­dieren en jachttrofeeën. Na de mis worden de jagers en de jachthonden gezegend door de pastoor.

Kortom: een feest voor jagers en een verheerlijking van de jacht in de kerk.

Beide organisaties vinden plezierjacht niet meer van deze tijd. In deze periode van het jaar worden twee miljoen dieren door jagers gedood, puur en alleen voor het ‘genot van het schot’. Uit onderzoek is gebleken dat 86% van de bevolking tegen deze vorm van jacht is.

Waar komt de naam ‘Hubertusmis’ vandaan? Hubertus was een jongeman die leefde in ca. 600 na Christus. Hubertus ging veel op jacht. Tijdens één van zijn jachtpartijen (het was Goede Vrijdag) wilde hij op een hert schieten, toen hij plotseling een lichtend kruis zag verschijnen tussen het gewei van het hert. Hubertus zag dat als een teken dat hij moest stoppen met jagen, omdat dat de gekruisigde Christus kennelijk niet wel­gevallig was. Hubertus bekeerde zich van de jacht, werd gelovig en uiteindelijk werd hij bisschop.

De Rooms-Katholieke kerk heeft deze legende precies andersom uitgelegd en Hubertus werd heilig verklaard en uitgeroepen tot patroonheilige van de jacht.

Het zou geweldig zijn als Sint Hubertus voortaan jaarlijks in alle Rooms-Katholieke ­kerken zou worden herdacht, en dan niet als patroonheilige van de jacht, maar juist als degene die zich van de jacht bekeerde. Niet om het eerste, maar om het laatste is hij immers heilig verklaard.

(de twee brieven genoemd in de eerste alinea hebben wij als bijlage aan de pers meegestuurd.)

Het bericht is op de websites van zeer veel dag- en week bladen opgenomen; voor zover we weten niet in de ‘papieren‘ bladen. Maar velen lezen tegenwoordig de krant via internet, dus ons bericht is wijd verspreid. Ook Bisschop Hurkmans van Bisdom ‘s Hertogenbosch had het blijkbaar gezien. In zijn antwoord op onze brief schreef hij o.a. dat hij eraan twijfelde in hoeverre het ons werkelijk om een gesprek met hem ging, vanwege het feit dat wij onze brief in de publiciteit hadden gebracht. Hij vond een gesprek nu dan ook niet opportuun.

Wij schreven de bisschop opnieuw een brief, waarin wij o.a. naar voren brachten dat in de jaren 2010 en 2011 onze brieven naar de zuidelijke bisdommen evenmin iets opgeleverd hadden hoewel wij toen onze brieven buiten de publiciteit hadden gehouden. We hebben  toch nogmaals aangedrongen op een gesprek.
We hopen volgende keer u te kunnen melden of en hoe de bisschop heeft gereageerd.

Hubertusmis in De Moer (Loon op Zand)

Bij een r.k. kerk in De Moer heeft een groepje dierenvrienden op 3 november 2013 enveloppen uitgedeeld aan bezoekers aan de Hubertusmis aldaar. In de enveloppen zat informatie van St. De Faunabescherming en van St. Rechten voor al wat leeft.
   

Jager-spijtoptant (2)

In het oktobernummer 2013 hebt u het eerste deel kunnen lezen van een brief van een jager-spijtoptant, zoals wij die uit het Duits vertaalden uit het Duitstalige blad “Animal Spirit” van augustus 2013. Dit keer het tweede en laatste deel van deze brief:

“Het was voor mij een grote opluchting om het korps van jagers, met hun groene loden jasjes, te verlaten en ik geloof dat er veel jagers zijn die in deze “organisatie” verzeild zijn geraakt door aanbeveling van vrienden, ­jagers zoals ik, of door familietraditie. Als je nog jager bent, denk dan eens goed na: wanneer je een liefhebber van dieren en van de natuur wilt worden, wat jagers graag voorgeven te zijn, dan kun je zo iemand zijn, maar dan alsjeblieft ­zonder geweer!
Het is niet mijn bedoeling de verstokte ­jagers van hun dwaling te overtuigen. Uit ­eigen ­ervaring weet ik dat dat nauwelijks mogelijk is, omdat de jacht in hun leven op de eerste plaats komt, en vaak was ik in de gelegenheid om te zien waartoe deze mensen in hun groene uniform bereid zijn. Ik doe een beroep op diegenen die met de gedachte spelen jager te worden en op diegenen die naar de in groene loden jasjes gehulde broederschap lonken.

Ik kan u, op grond van mijn ervaring, dit verzekeren: als u er ook nog maar een tikkeltje aan twijfelt of de jacht wel helemaal bij u past, dan heeft u daar niets te zoeken, Want in dat geval bent u - goddank- niet meedogenloos genoeg voor dit harteloze bedrijf.

 

   

Wist u

dat door de bloedige oorlogen in de bossen en de velden elk jaar meer dan 5­miljoen dieren - vaak op wrede manier - gedood worden?


dat de bewering van de jagers, dat deze wrede massaslachtingen nodig zijn om de aantallen dieren in de hand te houden, wetenschappelijk al lang weerlegd is?


dat de jagers inmiddels openlijk toegeven dat het bij de jacht om “het plezier van het doden” en om “de vreugde om de buit” gaat?


dat de jagers in ruime meerderheid geen beroepsjagers zijn, maar de jacht als hobby en vrijetijdsgenoegen uitoefenen?


dat volgens representatieve enquêtes 80% van de bevolking deze bloedige ­vrijetijdsbesteding afwijst? (EMND-instituut, september 2003)


dat ieder jaar ca. 300.000 huiskatten en ca. 35.000 honden, evenals in de wei ­lopende pony’s en koeien slachtoffer van jagers worden?


dat ieder jaar alleen al in Duitsland, ca. 40 mensen door jagers en jachtgeweren om het leven komen en dat meer dan 800 mensen gedeeltelijk zwaar gewond raken?

   

Zwerfkattenbeheer zonder geweer

(door Marleen Drijgers, oprichter en voorzitter van St. Scheldekat)

Jagers schieten graag. Als jagers wordt gevraagd of ze natuurbeheerder willen blijven als ze niet meer mogen schieten, haakt 99% af. Het gaat ze dus om het schieten en niet om de natuur. Ze schieten het liefst op alles wat beweegt, ware het niet dat de wet grenzen stelt. Dat er mag worden gejaagd in gebieden waar mensen wandelen en hun hond uitlaten is krankzinnig en vragen om ongelukken, die dan ook daad­werkelijk plaatsvinden. Het doodschieten of verwonden van mensen door jagers valt onder de categorie ‘jachtongelukken’ en leidt zelden tot gevangenisstraf.

Net als op vossen schieten jagers ook graag op katten. Katten zijn hun concurrenten, die ook wel eens een konijntje of een fazantenkuiken willen verschalken. Tegen het afschieten van katten is onlangs een handtekeningenactie gehouden door de ­Dierenbescherming. Een goede zaak, en beter laat dan nooit. Zo’n 10 jaar geleden werd in Zeeland bezwaar gemaakt tegen het door jagers afschieten van katten. Stichting Amivedi en Stichting Scheldekat maakten de gang naar de rechter, waarbij de Dierenbescherming hen niet wilde vergezellen. Gelukkig besliste de bestuursrechter in het voordeel van de katten en werd de ontheffing van jagers om katten af te schieten ingetrokken.

In de rest van het land ging het afschieten van katten gewoon door. Jagers schieten jaarlijks tussen de 8.000 en 13.000 katten dood. Dat blijkt uit cijfers van de landelijke jagersvereniging KNJV. Maar in de toekomst gaat daar hopelijk verandering in komen.

Verbod op afschieten katten?
In de Tweede Kamer is een motie van de Partij voor de Dieren aangenomen om afschot van katten te verbieden. In het verleden hebben ministers en staatssecretarissen wel moties waar een meerderheid in de Kamer voór was, toch naast zich neergelegd. Hopelijk neemt Sharon Dijksma deze motie serieus en wordt het afschot van katten daadwerkelijk beëindigd. De Provinciale Staten van Flevoland hebben niet op uitvoering van de motie gewacht en per direct op 13 november 2013 het doodschieten van katten verboden.

Schiermonnikoog
We vragen ons af wat er op Schiermonnikoog gaat gebeuren. Dat Waddeneiland haalde meermalen de publiciteit vanwege haar weinig poeslieve aanpak. De circa 60 verwilderde zwerfkatten moesten worden afgeschoten om te voorkomen dat ze overlast zouden veroorzaken en schade zouden aanrichten aan de fauna op het eiland.

We weten allemaal dat katten van nature geen vegetariërs zijn en hun jachttalent moeten ontwikkelen om te kunnen overleven. Maar als er ook makkelijker manieren zijn om aan voedsel te komen, zullen ze dat niet nalaten. Vuilniszakken, afval­bakken alsmede containers bij (bedrijfs-)kantines, restaurants en campings zijn favoriete ­foerageerplaatsen voor zwerfkatten. Overlast wordt ervaren door louter hun aan­wezigheid, uitwerpselen, gemiauw, nestjes met jongen en vanwege hun concurrentie met inheemse roofdieren (m.n. roofvogels) om dezelfde prooien (veelal muizen, maar ook ratten, vogels en konijntjes).

De burgemeester van Schiermonnikoog, Sjon Stellinga, beweerde onlangs op een congres van het Stray Animal Foundation Platform dat er op Schiermonnikoog geen katten worden doodgeschoten. Een verwonderde zucht van opluchting ging door de zaal, die voornamelijk gevuld was met dierenvrienden. Na een lang betoog over de aantrekkelijkheden van het eiland en de zware stormschade eind oktober 2013 vond hij dat de katten geen inheemse diersoort zijn en ter voorkoming van een tekort aan ­muizen moesten worden beperkt. Schiermonnikoog vangt de katten momenteel met vangkooien, waarna ze in de kooi een nekschot krijgen!!!!! Alsof dat geen dood­schieten is! Bovendien: hoe geef je een kat in een kooi met tralies een nekschot? De kat blijft heus niet stilzitten, dus het wordt een bloederig pief-paf-poef voordat de kat dood is. Van de TNR (Trap-Neuter-Return)-methode had burgemeester Stellinga nog nooit gehoord. Dit laatste houdt in dat zwerfkatten worden gevangen en na castratie worden teruggezet.

Zeeland - Stichting Scheldekat
In Zeeland gaat Stichting Scheldekat nog een stap verder. Daar krijgen de wilde zwerfkatten die na castratie en chippen worden losgelaten een onderkomen om in te schuilen en te slapen evenals voldoende voedsel. Het onderkomen kan een blokhut zijn, een container, hondenhokken of onopvallende tuinboxen die worden neergezet op terreinen van particulieren of bedrijven in het leefgebied van de katten. Als er nieuwe zwerfkatten bijkomen (doordat verwaarloosde of gedumpte katten zich bij de populatie aansluiten) worden die snel opgemerkt, gevangen en herplaatst bij mensen die ze willen adopteren. Ook ongecastreerde verwilderde katers op zoek naar vruchtbare poesjes kunnen komen aanlopen en door de beschikbaarheid van voldoende voedsel rondhangen bij het kattenhuis. Deze katers sluiten zich na castratie blijvend aan bij de groep. Zwangere poezen die, op zoek naar voedsel, zo’n kattenhuis ­vinden, krijgen daarin doorgaans hun kittens. Die kittens worden weldra gevonden en samen met hun moeder ondergebracht in een pleeggezin. De kittens worden ­gesocialiseerd en geadopteerd. Als de moederpoes tam is wordt ook zij geadopteerd, maar wanneer zij te wild en onherplaatsbaar blijkt, wordt zij na 10 weken kraamtijd gecastreerd en gechipt teruggezet bij het kattenhuis.

Stichting Scheldekat (v/h Werkgroep Scheldekat) is 19 jaar geleden begonnen met deze zwerfkatprojecten en de resultaten ervan liegen er niet om. Blijken zwerf­katpopulaties door de TNR-methode in de loop der jaren stabiel te blijven, de ­methode die Stichting Scheldekat toepast leidt tot aanzienlijk kleinere populaties die op den duur uitsterven. Zo leefden op het grote terrein van een scheepswerf in Vlissingen al tientallen jaren zo’n 40 à 50 zwerfkatten die om de paar jaar werden weggevangen en gedood. Door voortplanting van katten die niet gevangen waren en de komst van nieuwe zwerfkatten bleef het aantal in de loop van enkele decennia stabiel en in overeenstemming met de ruimte en beschikbare hoeveelheid voedsel in het gebied. Na ingrijpen door Stichting Scheldekat door middel van castratie en het plaatsen van een kattenhuis waarin de katten konden slapen en eten, is de populatie van ruim 40 katten in de loop der jaren op natuurlijke wijze afgenomen tot het huidige aantal van drie bejaarde katjes. Op de andere locaties waar Stichting Scheldekat overeenkomstige projecten voor wilde zwerfkatten startte, zijn de resultaten hetzelfde. In een tijdsbestek van 10 jaar is er een drastische afname te zien van aantallen zwerfkatten.
Deze aanpak stabiliseert niet, maar controleert en reduceert een zwerfkatten­probleem aanzienlijk. Ook de overlast neemt evenredig af. Er zijn geen sproeiende katers meer, geen nestjes kittens waarvan het merendeel door worm- en luchtweginfecties sterft, geen samenscholingen bij afvalcontainers, en er worden beduidend minder prooi­dieren gevangen doordat de katten gevoerd worden. Restanten van muizen, vogels of konijntjes worden namelijk zelden aangetroffen in of bij de kattenhuisjes.

Kortom: beperking en beheer van wilde zwerfkatten is heel goed mogelijk zónder geweer.

(Stichting Scheldekat is een van de zwerfkattenprojecten die wij financieel steunen. Ieder jaar sluiten wij voor de zwerfkatten een acceptgirokaart bij in het januari-nummer. Ook dit jaar zijn wij weer zo vrij om u te vragen een extra bijdrage voor dit doel te willen geven. U vindt hiervoor ook nu weer een acceptgirokaart in dit blad. Mogen de zwerfkatten weer op u rekenen? En zou u dan zelf uw volledige adres op de acceptgirokaart willen invullen?- red.)

 

   

Omroep voor dieren, natuur en milieu
Zou u dat ook niet graag willen: een omroep die bijzondere aandacht schenkt aan dieren, natuur en milieu? Die misstanden laat zien en horen waar de andere, ‘gewone’ omroepen vaak huiverig voor zijn omdat zij hun publiek niet willen choqueren, of ­omdat zij zich teveel laten beïnvloeden door degenen die de misstanden veroor­zaken? Een omroep die open en eerlijk de dingen laat zien zoals ze zijn, zodat iedereen kan weten wat er speelt? Dan is er goed nieuws voor u! Hieronder een bericht dat wij ontvingen van ­PiepVandaag.nl, een stichting die voortkwam uit een in 2009 opgerichte omroep­vereniging:

Groot nieuws!
Sinds begin november 2013 is vanuit PiepVandaag.nl officieel een nieuw initiatief ­gestart.

Een nieuw GROEN geluid in omroepland: Piep! De eerste omroep in Nederland die dieren, natuur en milieu centraal stelt op basis van een agenda met grote urgentie. Weinig omroepen overstijgen nu het mensgerichte perspectief. Wij vinden dat er voor mensen nog heel veel te leren valt van dieren en de natuur. We willen een breed ­publiek diervriendelijk en milieubewust enthousiasmeren, informeren, amuseren en waar nodig ook alarmeren. Er is plaats voor nieuws en actualiteiten, entertainment, jeugdprogramma’s, talkshows, documentaires en natuurfilms.

Nu moeten we alleen nog even 50.000 leden met een GROEN hart vinden om ­samen vóór 1 april 2014 te voldoen aan de eisen die de mediawet stelt om een nieuwe ­publieke omroep te vormen.

Dat moet toch mogelijk zijn met 3,5 miljoen mensen die lid zijn van een dier-, natuur- of milieuorganisatie in Nederland in combinatie met zo’n krachtige community als PiepVandaag.nl geworden is in de afgelopen twee jaar?

Lid worden kost maar € 5,73 per jaar. En het mooie is…Je steunt met je lidmaatschap direct een goed doel

Hoe dat werkt?
Piep! doneert het complete lidmaatschapsbedrag aan een goed doel. Hiermee ­ondersteun je met je lidmaatschap direct een organisatie naar keuze op het gebied van dier, natuur en milieu.

Met uw lidmaatschap van Piep! ontvangt u dus geen cadeau maar geeft u het cadeau!     (tot zover het bericht)

Hoe kunt u lid worden van Omroep Piep!?
Ga naar https://www.piepvandaag.nl/lidworden/

Daar vindt u een aantal organisaties waaruit u kunt kiezen voor de bestemming van uw lidmaatschapsgeld (€ 5,73 ). Daar kunt u op klikken en dan wijst het verder de weg vanzelf.

Laten we ons samen sterk maken voor een omroep die eerlijke informatie over ­misstanden in onze omgang met dieren, natuur en milieu voor het voetlicht brengt

   

Tegen eigen motie gestemd
Is dat niet vreemd? In 2011 diende (toen nog Kamerlid) Sharon Dijksma (PvdA) een motie in voor een verbod op de megastallen. Deze motie werd toen weggestemd. Nu is mevrouw Dijksma staatssecretaris van Economische Zaken (en dus van landbouw). Op 12 november jl. diende de Partij voor de Dieren dezelfde motie in en men zou ­denken dat de Partij voor de Arbeid hier dan wel van harte mee zou instemmen. Dat zou nóch met het PvdA-partij-programma, nóch met het regeerakkoord in strijd zijn.

Maar wat schetst onze verbazing, toen Staatssecretaris Dijksma deze motie, die zij zelf nog maar twee jaar geleden ook uitgesproken had, nu ontraadde en de fractie van de Partij voor de Arbeid tegen het verbod stemde?

Ook een andere motie die de PvdD indiende: een einde aan slacht en handel in ‘plofkippen’, haalde het niet. Als de PvdA zich aan haar eerdere toezeggingen, zoals in de Dierenkieswijzer, had gehouden, zouden beide moties met een ruime meerderheid door de Kamer zijn aangenomen.

Het coalitie-verbond tussen PvdA en VVD, die beide zulke tegengestelde belangen hebben, zal hier zeker invloed op hebben gehad; er heeft waarschijnlijk een koe­handel plaatsgevonden tussen beide partijen (over de ruggen van de dieren!) en de PvdA zal met het ruilhandeltje akkoord gegaan zijn.

En dan begrijpen politici nóg niet dat de burger geen vertrouwen heeft in de politiek!


   

CO2-gasbedwelming voor varkens -
De leugen regeert nog steeds
In het Algemeen Dagblad van 14 november jl. stond een artikel getiteld: “In Boxtel slachten ze 19.000 varkens per dag”.waarin door de heren directeuren van Europa’s grootste varkensslachterij VION in Boxtel, Urlings en Van der Lee, een huichelachtig en verkeerd beeld werd gegeven van de CO2-gasbedwelming bij varkens. De ­varkens zouden met een paar seconden bewusteloos zijn, werd beweerd, en Urlings (notabene dierenarts!) sprak over varkens als “levende karbonadestrengen”!

Als bedwelmingsdeskundige en dierenarts heeft Dr. R. Hoenderken de volgende boze reactie naar het Algemeen Dagblad gestuurd:

“Jullie verslaggevers hebben volledig en kritiekloos de verhalen van Urlings en Van der Lee van de VION nagepapegaaid! Volgen jullie de media niet? Blijkbaar dus niet! Daarom dus vijf opmerkingen over dit treurige artikel:

-
Het begint al in de titel van het stuk:19.000 varkens per dag moet  zijn: 19.000 varkens per week.

-
Volgens Urlings is een varken eigenlijk een wandelende karbonadestreng. Hij heeft geen gedachten meer over leven en dood. En dat noemt zich/is nu een dierenarts! Treuriger kan het niet! De varkens van Urlings hebben nooit hun essentiële behoeften kunnen uitleven, zoals bijvoorbeeld wroeten in de modder in de buitenlucht.

-
Volgens Urlings zijn de varkens binnen enkele seconden dood, “gezellig” met zijn achten in de CO2-kamer. Want we hebben het welzijn hoog in het vaandel.
Wat is dan de definitie van welzijn? In elk geval de dieren in staat stellen de ­natuurlijke ­behoeften te kunnen uitleven, en nodeloos lijden te beperken.

-
Het lopende onderzoek over kweekvlees door Prof.dr Mark Post in laboratoria (3 maanden geleden volop in alle media!) had ook wel even genoemd mogen worden!

-
Als deskundige op het gebied van o.a. het doden van dieren wil ik u dan toch nog maar eens mededelen, dat alle varkens tijdens de CO2-bedwelming minimaal 20 seconden ernstig ongerief ondergaan door ademnood, angst en slijmvliesirritatie, wat zich uit in excitatie en vluchtgedrag. Na ongeveer 20 à 30 seconden raken de dieren bewusteloos. Ieder varken ervaart dit ongerief, dus ook in de groep (= 19.000 keer 20 à 30 seconden ernstig dierenleed per week).

Mijn opmerkingen zijn gebaseerd op onderzoek en literatuur! Ik begrijp echt niet hoe Urlings durft te zeggen: “de dieren zijn binnen enkele seconden dood”. Dat is absoluut niet waar! Waarom hebben jullie niet gevraagd een camera te plaatsen in de bedwelmings­kooien? Dat is tegenwoordig geen probleem meer. Dan kunnen jullie zien wie gelijk heeft. Maar dat wil VION niet, want wat zich afspeelt in de CO2-ruimte kan het daglicht niet verdragen.

In 'BOERDERIJ’  van 2-11-2010 schreef premier Rutte: “Het bedwelmen van varkens met CO2-gas is gruwelijk en vreselijk.” Dit naar aanleiding van hoorzittingen in de Tweede Kamer destijds. Ik zal voor jullie deze informatie als bijlage meesturen.

Tot slot adviseer ik jullie ook eens te kijken naar www.eyesonanimals.com “.

Tot zover Dr. Hoenderken in zijn mail naar de journalist(en) van het Algemeen Dagblad.

Het laatste adviseren wij ook aan u: Als u op de website www.eyesonanimals.com kijkt vindt u daarop een filmpje waarop o.a. CO2-bedwelming van slachtvarkens is te zien (gedeeltelijk, want VION maakt het nog steeds niet mogelijk om door het raampje de hele kooi met varkens te kunnen zien).

Duivensport
Op 3 augustus 2013 stond er een artikel in “De Stentor” over de duivensport. Een artikel zoals gewoonlijk als het over de duivensport gaat. Alleen de duivenhouder is aan het woord, over zijn geweldige liefde voor de duiven etc. Eén van onze donateurs reageerde hierop namens Rechten voor al wat leeft met een ingezonden stuk waarin zij de ware toedracht bij de duivensport liet zien. Wij laten het hieronder volgen:

“Duivensport is, zeker waar het lange afstandsvluchten betreft, een systeem van uitbuiting en manipulatie, waaraan tonnen euro’s verdiend worden. De geslachtsdrift van de duiven en de drang om de jongen te voederen worden met handig uitgekiende, bedrieglijke trucjes tot vlak vóór het inkorven dusdanig aangewakkerd dat de opgehitste dieren zo snel mogelijk terugvliegen, soms helemaal vanuit Zuid-Frankrijk of Spanje. Velen verdwalen, komen om door uitputting, ongelukken, verdrinking of aanvallen door roofvogels. Vooral slechtvalken hebben het bij de duivenmelkers gedaan, maar het zijn de “liefhebbers” zelf die hun vogels willens en wetens aan alle gevaren van de thuisvlucht blootstellen. Ieder jaar gaan vele tienduizenden duiven verloren, maar de eigenaren kopen wel weer nieuwe geld-objecten.

Verdwaalde duiven komen meestal in steden en dorpen terecht, waar deze huisdieren maar moeten zien hoe ze hun kostje opscharrelen. Ze veroorzaken overlast en worden “vliegende ratten” genoemd. In het gunstigste geval worden ze opgevangen in duiventillen, maar daarvan zijn er nog maar heel weinig in Nederland. “Trage” wedstrijdduiven worden vaak, als ze (te laat) bij de eigenaar terugkomen, geslacht. “Niet op tijd, koppie kwijt”, is een door duivenmelkers gebezigde slogan. Maar een presterende duif is vorig jaar voor 250.000 euro aan een Chinese duivenmelker verkocht. Er gaat heel wat geld om in dit bedrijf. En dierenleed.”

Een paar dagen later stond er een reactie op bovenstaand stukje in de krant van dhr  H.v.d.B te IJ., kennelijk een duivenmelker:

“Wij als duivenmelkers doen er alles aan om onze duiven zo goed mogelijk te begeleiden en leren thuis te komen van de vluchten. Dat houdt in dat ik begin bij zo’n 5 km en dit dan opbouw naar 50 km. De jonge duiven leren zo veel en krijgen steeds meer vertrouwen en komen zo sneller richting hun huisvesting. Dat er jonge dieren in de loop van de weken afvallen, vind ik normaal, want niet alle duiven zijn topduiven. We doen er alles aan om de kolonie zo gezond mogelijk te houden. Kortom, de duivenmelkers zijn wel degelijk goed voor hun “eigendommen”, maar hebben niet alles zelf in de hand. Mijn mening is dat er door mobiele telefonie en zendmasten enorm veel verstoord wordt in de oriëntatie van de postduif.”

Wij reageerden hier weer op met de volgende ingezonden brief:

“Wat fijn dat er vanuit de duivenmelkerswereld instemmend wordt gereageerd op de ingezonden brief van mevr. S. te Z. van 9 aug. jl. Dhr. v.d.B. te IJ. geeft zelf toe dat er duiven “afvallen” en dat hij dat normaal vindt! En dat zo alleen de topduiven overblijven waarmee prijzen te winnen zijn! Dat dát nu juist de kern van onze kritiek op de duivensport is, heeft dhr. v.d.B. kennelijk niet door. Hij maakt zich blijkbaar ook geen zorgen over het lot van zijn “afgevallen” duiven, of ze nog leven of dood zijn, en over het feit dat de nog levende duiven in woonwijken, waar voer op straat te vinden is, neer­strijken, zich voortplanten, vaak overlast en vervuiling geven en daarom in veel gemeenten worden gevangen en vergast met pure CO2, hetgeen voor de dieren een ware marteling betekent. U en uw collega’s zijn hier verantwoordelijk voor, meneer v.d.B.!”

Van een andere duivenmelker, dhr H.v.'t G., ontvingen wij een mail als reactie op het stuk van mevr. S.te Z.:

“Geschrokken van uw artikel over de duiven in de Stentor. Ik ben duivenliefhebber maar niet zoals u schrijft: niet op tijd koppie kwijt. 99% van de duivenliefhebbers is niet zo. In Nederland leven ook dieven en moordenaars maar elke Nederlander is toch geen dief of moordenaar? Ik ben een goede duivenliefhebber. Dus een excuus is wel op z’n plaats.”

Wij hebben dhr v. ‘t G. het volgende teruggemaild:

“Bedankt voor uw reactie. U bent blijkbaar de enige duivenhouder die zijn duiven niet doodt. Wat doet u dan met de duiven die u kweekt, maar niet selecteert om mee te vliegen en verder mee te kweken? Laat u al uw duiven dan leven? En bouwt u er dan elk jaar een hok bij om uw nieuwe gekweekte duiven te huisvesten?

Als men met de duivensport begint is de eerste les hoe men duiven moet selecteren en doodmaken. De wedstrijden zijn op zichzelf al een selectie, want wat niet terugkomt op het hok is geen goede duif. Elk vogelasiel en centraal hok kan bevestigen dat 99,9% van de duivenhouders zijn duiven niet terug wil als ze niet op eigen kracht naar hun hok zijn teruggevlogen. Postduiven zijn daarom een groot probleem in de vogelopvang.

Ook de verdwaalde postduiven in steden vormen een probleem. Het zijn juist de postduivenhouders die het hardst roepen dat deze duiven (mèt hun nakomelingen!) ­moeten worden gedood. Wij hebben dit zelf ervaren in diverse steden waar wij juist opkwamen voor deze dieren en er was geen enkele duivenhouder die deze duiven wilde laten leven of ze terug wilde hebben. Blijkbaar bent u de enige uitzondering in de postduivenwereld. U bent dan waarschijnlijk ook de enige duivenhouder in ­Nederland met duiven van 20 jaar, 19 jaar, 18 jaar, 17 jaar, 16 jaar, 15 jaar etc. tot jonge ­duiven die dit jaar geboren zijn. Vliegt u ook nog met de duiven die ouder zijn dan 5 jaar? Enfin, wij zijn benieuwd hoeveel duiven u heeft en hoe hun leeftijdsopbouw eruit ziet.”

(Wij hebben hier niets meer op gehoord - red.)