Laura Tietjens

Ik ga niet antwoorden dat het beter is voor de dieren, beter voor het milieu, beter voor de wereldeconomie, en dus beter voor de derde wereld, beter voor mijn gezondheid, beter voor het landschap, beter voor mijn spirituele ontwikkeling, beter voor mijn smaakpapillen en beter voor mijn emotionele evenwicht. Dit is allemaal onomstotelijk waar, maar niet de diepste reden waarom ik vegetariër ben.
Er kleven mij in dit leven, in dit lijf, in deze hoedanigheid een aantal kenmerken aan. Zo ben ik bijvoorbeeld een vrouw, ik heb donkerblond haar en ik ben vegetariër. Wat het laatste betreft herinner ik me de keuze (waarmee ik wil zeggen dat ik niet uitsluit dat ik ook voor de eerste twee kenmerken ooit gekozen heb). Ik was toen veertien en de enige in mijn gezin. Het vloeide voort uit het feit dat ik een groot hart had voor dieren, en vooral ook voor hun welzijn en vrijheid.
Dit lag buiten mijn verstand, ook al lag ik 's nachts in bed hardop mijn verstandelijke argumenten te repeteren, voor het geval ik door critici aan de tand gevoeld zou worden. Ik moest en zou iedere discussie over het onderwerp winnen, alsof er iets te verliezen viel. Kennelijk vond ik niet dat het gevoel dat ik erbij had genoeg was om me tegenover de vleesetende buitenwereld te verantwoorden. Alsof ik trouwens verantwoording af zou moeten leggen! Arme, ijverige tiener.
Enfin, ik weet dat het geen verstandelijke keuze was, omdat ik me de lange tijd terugkomende nachtmerries herinner waarin ik bloederige kuikentjes aantrof in een gekookt ei aantrof, en hoe ik de keuken meed als het er walmde van gebakken vis, en hoe ik kokhalsde bij het idee dat ik vlees zou moeten eten.
Maar lieve God, wat is dan mijn diepste beweegreden om niet meer in een beest te bijten? Weet je wat, laat ik het hem maar voorleggen, waarom niet!

 
Eenakter voor drie fenomenen
Lieve God, waarom ben ik vegetariër?
Ik heb je vraag gehoord. Met wie spreek ik?
Met mij, Laura.
Juist, maar welk deel?
(zucht). Ik zou het niet weten, maar ...
Laten we de communicatie helder maken. Anders kunnen we mekaar niet vertrouwen. Met welk deel van Laura heb ik van doen?
God, besta je eigenlijk wel? Misschien zuig ik dit gesprek wel uit mijn duim.
Aha, daar hebben we Brein. Welkom Brein, vanaf nu mag je voor jezelf spreken.
Dank u wel. Bestaat u eigenlijk wel? Het lijkt me handig om hiermee te beginnen.
Heel verstandig. Ik antwoord met een wedervraag: Brein, besta je eigenlijk wel?
Absoluut. Ik denk, ik doe. Voor mij is dat bewijs.
Als ik jouw bewijsvoering op mezelf zou loslaten, besta ik ook.
Toch ben ik niet overtuigd.
Laura, besta jij?
Ik beweeg, ik kolk, ik voel, ik ervaar. Ik weet niet of ik besta. Dat interesseert me ook niet. Wat betekent dat eigenlijk, bestaan?
Bestaan is een concept waar Brein graag mee werkt. Laura, je ervaart jezelf. Ervaar je ook mij?
Zeker. Brein, ervaar jij God?
Ik ervaar nooit. Ik neem waar. En ik neem een aantal dingen waar die niet te rijmen zijn. Maar om dat nou God te noemen...
Kunnen we voor de duur van dit gesprek leven met de onzekerheid van het, van mijn of van ons bestaan? Anders kunnen we niet beginnen. En het kan wel een leuk spel worden.
Spel? Ik dacht dat er een vraag was.
Ja, spel of vraag. Ik stel voor dat we alledrie iets inzetten, iets dat ons op dit moment het waardevolst lijkt.
Dan wil ik mijn logica inzetten.
Ik zet mijn eerlijkheid in.
En ik mijn liefde. Laura wat was je vraag?
Waarom ik vegetariër ben.
Waarom wil je dat graag weten?
Ik hoef het helemaal niet te weten. Het was Breins idee om het te vragen.
De vraag werd door iemand anders aan Laura gesteld. Ze wilde als antwoord niet mijn argumenten gebruiken omdat die volgens haar de kern niet raken. Maar ze weet de kern niet te benoemen. Toen stelde ze de vraag aan u.
Laura, je noemt jezelf tot nu toe ik. Maar van waaruit spreek je?
Weet ik niet.
Brein, van waaruit spreekt ze?
Ik zou zeggen 'gevoel.'
Heel adequaat. Misschien komen we straks op een nog adequatere term.
Laura, wat voel je bij het idee dat je vlees zou eten?
Verdriet. En verontwaardiging. Ik ben geen kannibaal!
Beschouw je dieren dan als je soortgenoten?
Maar natuurlijk, ze zijn mijn broeders en zusters, mijn leraren, mijn kinderen. Ze worden gevoed door dezelfde liefde en wijsheid, gedragen door dezelfde Moeder, beschut door dezelfde Vader. Het is niet aan mij om het tijdstip van hun dood te bepalen, laat staan die te voltrekken. En het is volkomen tegen mijn natuur in om een dier van zijn recht op vrijheid te beroven, en zijn leefruimte, dagindeling, voeding en levensstijl uitsluitend af te stemmen op de geschiktheid voor mijn maag.
Dit is toch een volkomen helder antwoord. Brein, hoe zou je de essentie noemen van waaruit ze spreekt?
Passie.
Laura, hoe komt het dat je zonet dit antwoord niet kon vinden?
Schaamte.
Schaamte waarvoor?
Ze was bang dat mensen dat raar vinden, of sentimenteel.
Wat?
Het gevoel dat dieren je broeders, je gelijken zijn.
Nu is het mijn beurt om verdrietig te zijn. Waar moet het heen met de mens en met de schepping als de mens zich van zijn schepping en van alle andere levende wezens isoleert, en ze niet beschouwt als zijn gelijke, voortkomend uit dezelfde bron?
Je voedt je met planten. Dat zijn ook levende wezens. Wat is het verschil?
Weet ik niet.
Wat voel je als je planten eet?
Als ik dat doe zonder bewustzijn, verloochen ik U en mijzelf. Als ik het doe met respect en met liefde voor de planten en de krachten die het mij mogelijk maken op deze aarde te leven, voed ik mijzelf ermee, de plantenwereld, de schepping en ook moeder aarde.
Ik kan hier niet bij. Maar ik vrees dat ik geen zinnige uitleg van je hoef te verwachten over het verschil in bestaansrecht van respectievelijk plant, dier en mens.
Ze hebben alle recht op bestaan. En ieder uniek fenomeen of individu op zijn of haar eigen wijze.
God, er is iets wat me heel erg dwarszit. Vroeger was ik een wereldverbeteraar, een actievoerster. Daar ben ik mee opgehouden, toen ik inzag dat mijn gevecht tegen onrecht op de lange duur niet zou leiden tot de bevrijding van mens en dier waar ik zo naar verlangde. Ik dacht dat ik meer voor de wereld kon doen als ik mijn eigen innerlijke bevrijding nastreefde. Sindsdien focus ik me daarop, maar soms heb ik het gevoel dat ik daarmee de wereld in de steek laat, alsof ik me ervan heb teruggetrokken, in plaats van dat ik voor haar welzijn ijver middels mijn eigen ontwikkeling. Ik weet nu niet meer wat ik moet doen. Ik ben de draad kwijt.
Welke draad? Wat was dat voor draad?
De richting waarin ik moet gaan om ervoor te zorgen dat mens en dier in vrede en vrijheid kunnen leven.
Moet jij daar dan voor zorgen?
.....
Wat een hoogmoed, wat een grootheidswaan.
Wat is jouw doel in het leven?
O Jezus. Vroeger wilde ik...
Maar ik vraag het je nu. Wat is nu je doel?
Om te beginnen het loslaten van concepten, doelen, ideeën, alles loslaten wat me aan deze werkelijkheid bindt. Ik wil vrij zijn.
Kun je nog concreter zijn?
Ik wil vrij zijn.
Wat betekent dat?
....
Is dit alles trouwens nog interessant in het licht van vegetarisme en zo?
Ik wil bijvoorbeeld vrij zijn van dat eeuwige negatieve gewauwel van mijn brein. Dat ratelt maar door, oordeel na oordeel, ongevraagd advies na ongevraagd advies. Ik word er tureluurs van. Soms lijk ik wel zijn slaaf, in plaats van dat hij mijn werktuig is!
Breinen hebben de neiging hard te gaan toeteren als ze het idee hebben dat er niet naar ze geluisterd wordt, als ze niet op hun merites worden gewaardeerd.
Wat kunnen in godsnaam dan hun merites zijn?!
Een brein is er om waar te nemen, om getuigenis af te leggen, om helder te maken, te differentiëren, te benoemen. Als je hem uitnodigt die taak te verrichten is hij zeer, zeer scherp en waardevol.
Maar hij is er toch niet om mij de les te lezen?
Zeker niet. Een brein dat oordeelt en ongevraagd advies geeft, dat niet je innerlijke wijsheid dient maar je lijkt te willen sturen, is een ondergewaardeerd en daardoor op hol geslagen orgaan.
En waar is het dan mis gegaan in de betrekkingen tussen mij en mijn brein?
Je schuift hem verantwoordelijkheden toe die hij niet kan dragen.
Wat bedoel je?
Je verlangt van je brein dat hij je de weg wijst. Dat kan hij niet. Als hij dat toch probeert omdat jij hem dat opdraagt, gaat hij dazen.
Maar aan wie moet ik dan de weg vragen? Ik ben hem kwijt.
Aan mij bijvoorbeeld.
God, waar is mijn weg?
Die ben je zelf.
Oh, dit is me veel te vaag. Ik zie mezelf niet, hoe kan ik dan mijn weg zien!
Precies. Zie om te beginnen jezelf.
Weet je wat het punt is, ik verdwaal steeds. Ook nu in dit gesprek. We zouden het toch hebben over vegetarisme? Nou hebben we het over levensdoelen, waar gaat dit heen?
Jij was zelf degene die de zeer interessante verbinding wilde leggen tussen vegetarisme en levensdoelen. Sta jezelf toe te verdwalen in dit onderzoek.
Akkoord. Het voelt als glad ijs, maar goed. Waar waren we?
Jij, dierbaar rechtopstaand wezen, bent de weg. Je bent een kanaal dat hemel en aarde met elkaar verbindt. Dat is je hoedanigheid als mens in dit leven. Laat door dat kanaal het leven stromen. Laat het vrijelijk stromen, dat wil zeggen zonder het te beoordelen, zonder te verkrampen, zonder het te bevechten, zonder het te onderdrukken. Laat er doorheen stromen wat erdoor wil: ervaringen, gedachten, gevoelens, verlangens, hoop of wanhoop. Dat is alles. Maar dat is dan ook echt alles. Als je iets doet, je gevoelens en gedachten onderdrukken of ertegen protesteren, de ervaringen veroordelen die het leven je geeft, of jezelf veroordelen, dan krampt het kanaal samen. Dan vernauwt het zich en ontstaan er plooien en bobbels in zijn wanden. Met als gevolg dat dat wat erdoor wilde door de obstakels wordt tegengehouden. In plaats van het door te laten stromen, houdt het kanaal het leven vast. Dit geeft pijn en frustratie, ziekte en energieverlies. En je raakt niet van je constipatie af, met alle ongemakken van dien, totdat je je als kanaal weer ontspant, de levensstroom ervaart en door laat gaan.
Laura is dus een kanaal. Waarom?
Om de geest te laten indalen in de stof.
Waar is dat voor nodig?
Stof is dood, dat wil zeggen afwezigheid van bewustzijn. Geest is bewustzijn. De geest daalt in in de stof, om bewustzijn te vermeerderen. Anders gezegd, om de duisternis door het licht te laten vervangen. Bewustzijn is een equivalent van vrijheid en van liefde. Dus als de geest indaalt in de stof, leidt dat tot de bevrijding van alle in de stof levende wezens.
Dus het gaat er om dat ik me bewust ben van wat ik ervaar, voel, denk of verlang? Dat is alles?
Dat klopt.
En als mijn bewustzijn ruim genoeg is, ben ik vrij, in liefde en vrede?
Dat is juist.
En wat hebben de dieren daaraan, als Laura vrij loopt te wezen?
In de eerste plaats zullen dieren dan van Laura alleen maar liefde krijgen. Want iemand die leed en onrecht totaal en bewust heeft ondervonden, zal een ander, ongeacht wie dat is en wat hij eventueel op zijn kerfstok heeft, nooit meer iets kunnen aandoen. En iemand die werkelijke liefde heeft ervaren, zal bidden dat ieder ander, ongeacht wie, ook dat geluk ten deel valt.
In de tweede plaats, als je een lamp aandoet, wat gebeurt er dan? Niet alleen de lamp wordt licht.
Ook zijn omgeving.
Juist. Vermeerdering van licht leidt tot vermeerdering van licht. En Bewustzijnsverruiming leidt tot bewustzijnsverruiming. Want iemand die door het licht in een ander wordt geraakt, zal er meer van willen voelen en ernaar op zoek willen gaan.
Dat geldt misschien voor mensen, maar hoe zit dat met dieren?
Met dieren is dat anders. Zij hebben geen eigen persoonlijke wil. Dat wat hen beweegt zou je drang kunnen noemen, geen wilskracht. Ze gaan dus niet op zoek naar meer licht. Dat hoeft ook niet, want ze hebben een constant en direct contact met de goddelijke bron. Ze zijn een met hun schepping en een met de scheppingskracht, anders gezegd, ze zijn op een bepaalde manier een met zichzelf en een met God. Maar als ze in aanraking komen met een bewust mens, een mens dat een open kanaal is voor de geest, hebben dieren daar direct baat bij. Hun eigen bewustzijn wordt erdoor vergroot, zoals de omgeving door een lamp wordt verlicht.
De mens is het enige levende wezen dat een persoonlijke wil heeft. Hij heeft zich bovendien afgesneden van zijn oorsprong. Hij is vergeten waar hij vandaan kwam en waar hij toebehoort. Daarom kan hij eigenmachtig handelen vanuit een motivatie die lijnrecht indruist tegen de natuurwetten. Zou hij zich zijn oorsprong herinneren, dan zou hij het verlangen niet meer voelen om zijn eigen kleine willetje na te jagen.
Deze vrije wil heeft geleid tot onnoemelijk veel leed, zowel bij mensen als bij dieren. Maar de vrije wil van mensen is een van de spelregels in deze schepping. Tot op zekere hoogte kunnen mensen doen en laten wat ze willen.
Tot op zekere hoogte?
Ja. Als ze bepaalde grenzen dreigen te overschrijden wordt er ingegrepen.

Door wie?

Door machten die groter zijn dan de mens.
Waar dient die vreselijke wrede vrije wil toe? En waarom grijpen die machten niet eerder in?
De vrije wil is er ten bate van de bewustzijnsverruiming. De mens, de schepping kan er ervaring mee opdoen.
Die vrije wil kan me gestolen worden, ik kots erop. Dat wat mensen dieren aandoen gaat regelrecht tegen Gods liefde in. Dit kan niet uw bedoeling zijn!
Lieve kind, je oordeelt. Doe dat niet. Het onrecht maakt je kwaad, je veroordeelt de situatie en daarmee kapsel je het in. Je maakt het tot een verhaaltje en je besluit dat dat verhaaltje niet deugt. Wat levert het je op, als je er zo mee omgaat?
Dan kan ik het hanteren.
Wat bedoel je met hanteren?
....
Even ter wille van het onderzoek. Probeer het eens: stel je voor hoe de mens met zijn vrije wil de dieren leed berokkent. En oordeel er niet over, laat het alleen wezen. Je bent een kanaal en dat wat je ziet stroomt door het kanaal. Wat gebeurt er?
Ik haat het. Ik haat de mens en zijn godvergeten vrije wil.
Als je ietsje dieper in jezelf kijkt, wat zit er onder die haat?
Pijn
En als je kijkt naar de betreffende dieren?
Dan voel ik eindeloos verdriet. Het is meer dan ik verdragen kan. Het verplettert me.
Lieve kind, je hoeft het niet te verdragen, dat is niet jouw taak. Het is niet de taak van mensen om leed te dragen. Laat maar doorspoelen, geef het over aan mij. Kijk nu goed naar de betrokken dieren. Wat gebeurt er?
Ik voel ze. Ik ervaar ze. Hun pijn, hun zachtheid, hun totale kwetsbaarheid en ook ... hun liefde.
Wat gebeurt er nu tussen jou en die dieren?
Er is verbondenheid, een begrip ver voorbij woorden. Een gedeelde liefde, een gedeeld hart. Alsof we hetzelfde wezen zijn. Het ontroert me heel diep, mijn hart wordt reusachtig groot. O God, ik ben zo dankbaar...
Nu voel je het wezen van die dieren, klopt dat?
Ja, dat klopt.
En je voelt de kracht, het licht dat door jullie beiden heen ademt, en dat jullie omvat?
Ja. Het is eigenlijk of we in werkelijkheid dat licht, die kracht zijn.
Dat is ook zo. Zou je nu na deze ervaring nog willen oordelen over het nut van vrije wil en over het moment dat hogere machten in zouden moeten grijpen?
Al zou ik het willen, ik kan het niet. Dit gaat ver boven mijn bevattings- en beoordelingsvermogen.
Je had een vraag zonet, waar we nog niet helemaal aan zijn toegekomen. Zou je hem nog eens willen formuleren?
Vroeger was ik actief in de strijd tegen onrecht jegens mens en dier. Op een gegeven moment kwam ik tot het inzicht dat ik de wereld alleen echt kan helpen als ik mijn eigen innerlijke bevrijding nastreef. Maar nu heb ik soms het gevoel dat ik me heb teruggetrokken en niet actief ben waar ik het toch zou moeten zijn. En dat onder het mom van mijn persoonlijke ontwikkeling, die ter meerdere glorie zou zijn van mens en dier.
Wat ik in je vraag hoor zijn theorieën, cynisme, zelfveroordelingen en een zeer strenge moraal. Laten we het eerst hebben over het inzicht dat je een paar jaar geleden kreeg.
Liever niet, eigenlijk.
Hoezo niet? Is het niet meer relevant?
Jawel, in die zin dat het nog steeds mijn denken en doen bepaalt. Maar het is gaan voelen als een strop, als een preek van de dominee waar ik al lang genoeg van heb.
Brein, kun je het samenvatten?
Ze kwam tot het inzicht dat het leven op deze zichtbare wereld eindig is en dualistisch. Dat wil zeggen goed gaat altijd gepaard met kwaad, liefde met haat, geluk met lijden. Er is een evenwicht tussen de twee tegenpolen; verlicht je het lijden op de ene plek, dan zal het op een andere plek terugkomen. Om kort te gaan, wereld verbeteren heeft geen zin. Zo komt de wereld en alles wat hier leeft niet tot zijn ultieme vrijheid. Niet door te vechten tegen dat wat er is.
Er was een tweede inzicht, namelijk dat de oorsprong, onze schepping, en daarmee ons thuis, niet op deze planeet en in deze dualistische werkelijkheid te vinden is, maar in een eeuwige, allesomvattende realiteit, waar eenheid heerst, en waar ultieme vrijheid en bevrediging worden gevonden. Sommigen noemen dat God. Die realiteit is niet een hemel die slechts na de dood open zou gaan, het is een realiteit, een hoedanigheid die gemanifesteerd kan worden tijdens dit aardse leven en vrijheid en bevrediging geeft aan degene die zich daar volledig aan overgeeft.
Het diepste verlangen van iedereen is het verlangen naar liefde, naar eenwording met zijn goddelijke bron, naar thuiskomen. Totale bevrediging van dit verlangen valt uitsluitend te halen in die grotere realiteit, en niet in de eindige, dualistische wereld.
Mensen worden door hun verlangens gedreven. Die zijn de motor van al hun bewegingen. Als ze zich niet bewust zijn van hun oerverlangen vertalen ze die in verlangen naar macht, rijkdom, aanzien, erkenning enzovoort. En ze zullen proberen hun gerief te halen bij elkaar, bij de aarde en bij de dieren. Mensen die zich niet bewust zijn van hun oorsprong en hun oerverlangen, en die niet aan den lijve hebben ondervonden dat het ultieme geluk niet op de aarde te vinden is, maar wel in hun eigen goddelijke kern, hebben niets te geven. Ze willen uitsluitend krijgen. De wereld is vol van inhalige, behoeftige mensen, die proberen zich aan elkaar te laven. Dit loopt onherroepelijk uit op teleurstellingen en onrecht, op dieren- en mensenleed.
Maar als iemand zijn blik naar binnen keert en zich laat leiden door zijn diepste verlangen, zal hij thuiskomen in zichzelf, in zijn eigen goddelijke kern, en werkelijke bevrediging vinden. Hij zal zijn teleurstellingen niet langer hoeven te projecteren op mensen en dieren. En met zijn licht zal hij ook anderen raken, zelfs zonder dat hij zijn mond open doet.
Vechten tegen onrecht in de wereld leidt dus niet tot eeuwige en totale bevrijding. Wat daar wel toe leidt, dat is bewustwording van alles wat er in de wereld is, van zowel het leed als het geluk. Zodra iemand helemaal doordrongen is van het onveranderlijk dualistische en eindige karakter van dit aardse leven, en de pijn van de wereld tot in zijn botten heeft gevoeld, zodra iemand weet dat hij als mens onmachtig is, maar alles over heeft voor de totale bevrijding van zichzelf en van alles wat leeft, zal hij zich openstellen voor het licht en bereid zijn te dienen als kanaal.
Amen.
Juist, ja.
God, klopt er eigenlijk iets van dit verhaal? Is dit de Waarheid?
Dit verhaal kan de Waarheid met een grote W niet zijn, al was het alleen maar om het feit dat Brein het verwoordde.
Ik maak bezwaar!
Waartegen? Het is jouw taak niet om de Waarheid te verwoorden, Brein, want dat kun je niet. Brein is slechts een klein stukje van de schepping, hij zal nooit en te nimmer de hele schepping kunnen omvatten.
Wie kan de Waarheid dan wel verwoorden?
God maakt de Waarheid kenbaar, in alles wat Zij is en alles wat Hij doet. En daar is alles mee gezegd.
Maar God, kun je iets meer zeggen over dat verhaal?
Nee, ik kan er alleen wat over vragen. Is het bruikbaar voor je?
?
Dat is het enige dat relevant is: Werkt het voor je? Helpt het je je doel te bereiken? Wat was je doel ook alweer?
Vrijheid.
Goed, en wat is nu je doel?
Nog steeds vrijheid.
Ben je er inmiddels al achter wat dat betekent?
Geen idee.
Laura, kom op. Wat is nu je doel? Nu.
...
Nu, nu!
Ik wil je liefde.
Ah....
Dank U wel. Dit is alles wat ik wil. Er is niets meer.
Als je kon voelen hoe dankbaar ik ben dat je erom vraagt... Ik zou je eeuwig willen koesteren in mijn liefde, maar ik mag het alleen als je erom vraagt.
Mag? Zou er dan iets zijn wat God niet mag?
God respecteert de spelregels van zijn schepping. Onder andere die van de vrije wil van de mens. Als de mens ervoor kiest zich af te sluiten voor Gods liefde, zo zij het.
Wat Breins verhaal over jouw inzichten betreft: Je verlangt naar mijn liefde. In hoeverre helpen je inzichten van toen je om mijn liefde te ervaren?
Ik heb toen geleerd dat het van wezenlijk belang voor me is om me op ieder moment bewust te zijn van wat er in me omgaat. Als ik dat wat er is helemaal doorleef, ervaar ik Uw aanwezigheid, en mijn een zijn met U.
Dankjewel. Is dit alles van dat lange verhaal dat nu relevant voor je is?
Ja.

Zullen we de rest dan weggooien?

Ja graag!
Goed. Weg ermee. Zo, dat ruimt op. Ben je overigens bereid te aanvaarden dat jouw waarheid ieder moment verandert? Heel wat vaker dan eens in de paar jaar? Hebben we al je vragen nu beantwoord?
Ik zat ermee dat ik soms het gevoel heb dat ik me heb teruggetrokken van de wereld, terwijl ik eigenlijk actief zou moeten zijn. Want ik hou me bezig met mijn persoonlijke ontwikkeling.
Vraag een: Hoe heet dat gevoel?
Schuldgevoel.
Vraag twee: Wie zegt dat je actief zou moeten zijn?
...
Je kunt het je niet eens herinneren, he, zo ingebakken zit die calvinistische gedachte! Hoe luidt die precies?
Dat ik goed moet doen in de wereld, dan kom ik in de hemel.
Wat is dat, goed?
Eh... Volgens die moraal is ...
En wat is dat, de hemel?
O Jezus, geen idee. Bestaat de hemel wel?
Wat is dat, bestaan?
Ik word hier duizelig van.
Je gebruikte nog een woord: Persoonlijke ontwikkeling. Wat is dat?
Dat is dat ik mezelf steeds beter leer kennen en dat ik...
Wat is dat; mezelf?
Mezelf, dat is het geheel aan gevoelens en gedachten en ervaringen die ik heb.
Adequaat. Wat ervaar je nu? Wat denk je nu? Wat voel je nu?
Ik voel me wel vrolijk.
Hoe zit het met je schuldgevoel?
Weg.
Realiseer je je dat je zonet een heel pakket woorden gebruikte die op dat moment niet gesteund werden door ervaring of gevoel?
Ja.
Alle woorden die niet worden gesteund door je beleving, woorden die niet worden beleefd, zijn nutteloos. Ze zijn dood, ze zitten je in de weg. Wees hygiënisch, ruim ze op. Belast je zelf en je omgeving niet met dode moraal.
Hoe zit het nu met je vraag. Is daar nog iets van over?
Nee.
Zeker weten?
Ja.
Laura, 24 Jaar geleden besloot je om vegetariër te worden. Waarom ben je NU vegetariër?
Omdat ik van U hou. In de dieren zie ik Uw aangezicht.
 

Een uitgebreide lijst van boeken over geluk met beschrijving, vind je hier.