Jagende katten doden veel dieren in de natuur

Hoe staat het er nu voor?

Gerrit Hobbelink schreef dit stuk in 2007 voor handhavers. Zijn vraag is nog steeds actueel: waarom spreken we de eigenaar van een jagende hond wel aan, maar de eigenaar van een jagende kat niet? Wel is er sindsdien veel veranderd.

Jagende katten in 2026

  • De wet is twee keer vervangen. De Flora- en faunawet ging in 2017 op in de Wet natuurbescherming. Die is op 1 januari 2024 opgegaan in de Omgevingswet. De regel die Hobbelink aanhaalt, staat nu in artikel 11.72 van het Besluit activiteiten leefomgeving. De tekst is smaller geworden. Verboden is nu "zich in een veld te bevinden met een dier" dat daar dieren doodt of vangt. Een kat die zonder zijn eigenaar door het veld zwerft, valt daar naar de letter niet meer onder.
  • Nog steeds geen goede telling. Hoeveel dieren katten in Nederland doden, weet niemand precies. Juristen van Tilburg University noemden in 2019 een schatting van 140 miljoen dieren per jaar: vogels, muizen, vleermuizen, reptielen, amfibieën en vissen. Ongeveer de helft zou voor rekening komen van katten met een eigenaar. In 2024 waren er in Nederland ongeveer 3 miljoen huiskatten. Daarnaast leven er naar schatting 132.000 tot 1,2 miljoen zwerfkatten.
  • Europees recht. Volgens dezelfde juristen, Arie Trouwborst en Han Somsen, verplichten de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn de lidstaten om loslopende huiskatten tegen te gaan. Minister Schouten en de Tweede Kamer wilden in 2020 geen "straatverbod" voor katten. Ook de Europese Commissie zag daar niets in.
  • Afschieten in plaats van aanspreken. Friesland is de enige provincie waar jagers verwilderde katten mogen afschieten, ter bescherming van weidevogels. Overijssel stelde in mei 2026 voor dat ook toe te staan. Dierenorganisaties zijn daartegen, onder meer omdat jagers een verwilderde kat moeilijk van een huiskat kunnen onderscheiden. Volgens onderzoek van het ministerie (2023) zijn vooral vossen en steenmarters de rovers van weidevogels. Een hoofdoorzaak van hun achteruitgang is de intensieve landbouw. In augustus 2026 stelde Ines Kostić (Partij voor de Dieren) er Kamervragen over.
  • Wat een eigenaar kan doen. De kat 's nachts en in het broedseizoen (half april tot eind juni) binnenhouden. In Friesland loopt daarvoor de campagne "Kuikens in het land, poes in de mand". Zo pak je het probleem aan bij de eigenaar, zoals Hobbelink al bepleitte, in plaats van bij de kat.

Bronnen: Besluit activiteiten leefomgeving, artikel 11.72; Tilburg University, persbericht over Trouwborst en Somsen (2019; Journal of Environmental Law); NOS Nieuwsuur, kat en beschermde vogels (13 september 2020); EU Factcheck, reactie Europese Commissie; FEDIAF, Facts & Figures 2026 (cijfers 2024); Hart van Nederland, Overijssel en verwilderde katten (1 mei 2026); Kamervragen Kostić (14 augustus 2026). Bijgewerkt op 14 oktober 2026.

Het artikel uit 2007

Katten weten zich goed staande te houden in de natuur

Zittend op mijn werkplek werkend aan een proces-verbaal over een hond die achter de reeën aan zat, kijk ik ongemerkt uit het raam. Ik heb het geluk buitenaf te mogen wonen met om de deur een tuin die we speciaal voor de vogels hebben aangelegd.

Dit artikel is geschreven door Gerrit Hobbelink van Werkgroep Regelgeving en verscheen in jaargang 82, augustus 2007/4 van het vakblad van de handhavers op het gebied van Dier en Milieu.

Foto Michiel Schaap

Volgens een onlangs gegeven interview heb ik een werkplek die in een boek van Poortvliet niet zou misstaan. Een waarneming van de journalist die mij goed van pas komt. Wanneer mijn vrouw weer eens laat weten het niet eens te zijn met de "troep" in mijn werkkamer, wrijf ik haar die even fijntjes onder de neus.

Uit het raam starend zie ik de grijze huiskat, de Felix dakgotius (GH) van de buren, in tijgersluipgang door het lange gras van het bongerdje gaan. Telkens wanneer ik deze kat, in de streek waar ik vandaan kom aangeduid als balkhaas, door mijn tuin zie sluipen, erger ik mij aan de onverzadigbare roofzucht van dit dier. Niets is veilig voor hem. Of het nu een jonge haas is, een jonge houtduif op het nest of een pas uitgevlogen jong van welke vogel dan ook, hij komt er mee aan sjouwen. Ik verdenk hem er zelfs van zich zo nu en dan aan mijn krielkippen te vergrijpen. Als ik de buurvrouw er op aanspreek dan zegt zij steevast dat het de natuur van het dier is. Ja, dat zal wel zo zijn, maar de meeste roofdieren in de natuur moeten "roven" om te overleven. Deze kat absoluut niet.

's Avonds hoor ik de buurvrouw verleidelijk de kat roepen en meestal lukt het haar wel de kat onder allerlei valse voorwendselen binnen te krijgen. Daar staat dan een flinke bak voer op hem te wachten. Om te overleven hoeft hij dus zeker niet te jagen. De ene zijn dood is in dit geval niet nodig voor de ander zijn brood.

Maar in de vroege ochtend, zo rond een uur of zes vertrekt de buurman met een busje naar zijn werk. De kat gaat gelijk met hem de deur uit, vertrekt helaas niet met het busje maar gaat linea recta in de richting van onze, voor vogels aantrekkelijke tuin.

Vroege vogels zijn voor de poes en dat heeft deze kat niet van horen zeggen. Hij weet het uit ervaring. Steeds hoop ik dat deze kat eens een keer zijn vette buit onder het bed of achter de kast van de buren verstopt, waardoor ze van de ondragelijke stank de kamer uit moeten, maar kennelijk gebeurt dat niet. Waar die dan wel met zijn jachtbuit blijft is mij een raadsel. Regelmatig zie ik hem, zelfs met de een of andere rode lijstsoort richting het huis van de buren gaan, maar volgens de buren brengt hij nooit iets mee en vangt volgens hen dus ook niet veel. Heel slim van de kat of zitten de buren in de ontkenningsfase?

Hoe kom ik hier nu op? Werkend aan het verbaal m.b.t. een jagende hond achter de reeën bedenk ik mij dat het toch oneerlijk verdeeld is. Van de hond is het waarschijnlijk ook de natuur de reeën te achtervolgen en eventueel te vangen en het liefst nog te doden ook. Wij willen dat niet en hebben dat wettelijk geregeld. Vervolgens spreken we de verantwoordelijk eigenaar of toezichthouder van het dier er op aan. Het is niet alleen dat we dat niet willen, maar het zou ook verschrikkelijke gevolgen kunnen hebben. Denk maar aan een opgejaagde ree of nog groter dier dat een weg over wordt gejaagd. De wetgever is er duidelijk in en stelde het al in de jachtwet, art. 25, strafbaar wanneer een hond kortweg gezegd achter het wild aan zat.

De Flora- en faunawet is nog concreter. In art 16 lid 3 van de wet staat: "Een ieder is verplicht te verhinderen dat een dier dat hem toebehoort of onder zijn toezicht staat, in het veld dieren opspoort, doodt, verwondt, vangt of bemachtigt". Niets hond, en niets wild. Een dier dat onder zijn toezicht staat, een dier in het veld opspoort enz.. Men komt in tegenstelling tot de jachtwet in de FFW de term veld tegen. Het achtervolgen enz. moet in het veld plaatsvinden. De jachtwet had het over een gebied waar men de jacht mocht uitoefenen, dus in feite ook veld.

Met een dier worden volgens de toelichting van de FFW ook huisdieren bedoeld, zoals de met name in de toelichting genoemde huiskatten, maar ook fretten en roofvogels en biedt het artikel juist de mogelijkheid eigenaren van struinende katten hierop aan te spreken. In plaats van wild, zoals in de jachtwet, heeft de FFW het over "dieren". Dus zoogdieren, maar ook vogels. Het voert zelfs nog verder, dus ook alle soorten muizen.

Verder gaat de toelichting er op in, met een verwijzing naar de jurisprudentie, wat onder toezicht moet worden verstaan. Onder toezicht moet "toezicht" in de meest ruime zin van het woord worden verstaan. De eigenaar of toezichthouder hoeft helemaal niet bij het dier in de buurt te zijn om voor het gedrag van het dier aansprakelijk te zijn. Waarom wordt hier nu wat betreft de huiskatten, niet op gehandhaafd? Althans bij mijn weten gebeurt dat niet. Ik heb er tenminste nog nooit een zaak van gezien, maar dat zegt natuurlijk niet alles.

Tijdens een presentatie voor het Functioneel Parket bracht ik "jagende" honden ter sprake en het gevaar en de overlast daarvan. Het gevaar van "jagende" honden voor de in het wild levende dieren en het verkeer, alsmede de overlast voor andere terreinbezoekers die hun hond wel netjes bij zich houden, staat eigenlijk niet meer ter discussie. Er vallen inmiddels al flinke boetes voor honden die achter de herten, reeën en andere dieren aanjagen.

Daar was dus alle begrip voor, maar toen ik in mijn argeloosheid dacht dat het moment daar was nu ook maar eens de "jagende" katten ter sprake te brengen, had ik dat mis. Helemaal mis zelfs! De eigenaar van een kat die een vogeltje vangt een verbaal geven?! Dat kon niet de bedoeling zijn. Vergezeld van, net als bij mijn buurvrouw, argumenten als de natuur van een kat en allerlei andere excuses voor zowel de kat als zijn eigenaar/ toezichthouder. Nu sta ik zelf ook niet te trappelen om mijn buurvrouw een verbaal voor het gedrag van haar kat te geven en ondanks mijn ergernis, zal ik mij daar toe ook niet laten verleiden. Waar stokt het dan?

Het kattenkwaad van duizenden struinende huiskatten neemt meer dan ernstige vormen aan. Elk ander roofdier in onze natuur jaagt om te overleven en om zijn jongen groot te brengen. Zij hebben hun plaats in onze natuur en verdienen ons respect, ook als wij eens een beetje te slordig of te vrij met ons pluimvee omgaan en zij profiteren daarvan. Daar kan ik begrip voor opbrengen, maar een huiskat heeft mijns inziens geen plaats in onze natuur, hoeft er zeker niet van te leven en kan van mij dan ook niet op respect rekenen.

Zo'n kattenkop jaagt voor zijn hobby, zeg maar een plezierjager. Wat onder de mensen verguisd wordt is kennelijk voor een kat acceptabel. Mensen die bezwaren tegen de jacht hebben, hebben niets tegen het recreatief jagen van hun kat. De mensen die hun kat wel vasthouden doen dat vaak omdat ze bang zijn dat hij of zij verongelukt, verdwijnt of op andere manieren gevaar loopt. Maar zelden spreek je mensen die hun kat vasthouden om te voorkomen dat deze vogels of andere dieren vangt. Onze wetgever heeft het kennelijk niet vanzelfsprekend gevonden dat de huiskatten ongelimiteerd onze natuur leeg kunnen roven en maakt de eigenaar en of toezichthouder verantwoordelijk voor het gedrag van zijn bloeddorstige kat.

Op internet las ik enkele resultaten m.b.t onderzoeken naar het "roof"gedrag van katten in de vrije natuur. Een citaat hieruit. Wetenschappers in Groot-Brittannië hadden berekend dat elk jaar 275 miljoen dieren, meest muizen, het leven laten door katten. Dit formidabele getal is het gevolg van het doorberekenen naar de kattenpopulatie van heel Groot-Brittannië (9 miljoen) van een onderzoek aan 1000 huiskatten.

Wanneer we het Britse onderzoek naar de Nederlandse situatie omrekenen, dan moeten ook hier vele tientallen miljoen dieren sneuvelen in de klauwen van het beest dat 's avonds voor de televisie op uw schoot ligt te ronken. Nederlandse onderzoekers denken genuanceerder over het Britse onderzoek en trekken de cijfers in twijfel. Wellicht dat we daar nog eens een artikel aan moeten wijden. Misschien dat wij als handhavers eerst eens moeten beginnen deze eigenaren en/of toezichthouders op hun verantwoordelijkheid te wijzen en hen daarbij duidelijk maken dat een huisdier bij of in huis hoort en niet ongecontroleerd in het veld.

Elk begin is er één. Elk overlevend beschermd dier kunnen er uiteindelijk velen zijn.

Lees ook: Kattentax om het probleem van zwerfkatten op te lossen; Complicerende aspecten aan het zwerfkattenprobleem; Tamme en wilde zwerfdieren: license to kill?.