Verplaatsen intensieve veehouderij is verplaatsen problematiek door Diana Saaman, Commissielid Landelijk Gebied en Water voor de fractie van de Partij voor de Dieren in Gelderland.

Je zult er maar wonen. Fijn hè, wonen in het open en frisse buitengebied? Geniet er nog maar even van. Als het aan het bestuur van de Provincie Gelderland ligt, gaan gemeenten bijvoorbeeld sleutelen aan de geurnorm. Of liever gezegd in dit geval: stanknorm. Om vaart te zetten achter de verplaatsing van intensieve veehouderijbedrijven. Je zal er maar wonen. Waar? In één van de 14 aangewezen Landbouw Ontwikkelings Gebieden (LOG's) in Gelderland.

Het hele proces van verplaatsing van intensieve veehouderijen gaat langs de bewoners heen. Dit is met name onacceptabel voor de in -en omwonenden van LOG's. De reconstructie is in hoofdzaak  een onderonsje gebleven tussen Rijksoverheid, provincie, gemeenten en veehouderijbelangenorganisaties. Terwijl deze plannen ingrijpende gevolgen hebben voor de bewoners in en om de aangewezen LOG's. Het is de hoogste tijd dat betrokken bewoners serieus geïnformeerd worden en inspraak krijgen over de gevolgen van de plannen voor hun directe woon -en leefomgeving.
 
Het is de bedoeling dat vóór 2010 tenminste veertig intensieve veebedrijven (varkens, kalverenmesterijen en kippen) worden verplaatst vanaf hun huidige locatie naar een nieuwe plek. Naar zogeheten aangewezen LOG's. Waarom? Omdat deze bedrijven op hun huidige locatie ernstige milieuproblemen veroorzaken voor mens en/of natuur. Het geldpotje wat gereserveerd is voor deze veertig bedrijven bevat nu al 30 miljoen euro aan gemeenschapsgeld, geld om het bedrijf te slopen en om naar een plek in een LOG te gaan. Gelijktijdig wordt toegestaan dat het aantal te houden dieren zal verveelvoudigen, soms tot aantallen van meer dan 10.000 vleesvarkens. Daarbovenop komt nog een subsidie voor het investeren in luchtwassers eb verplaatsingskosten. Dat is heel veel geld. Gemeenschapsgeld. En wat krijgt de gemeenschap daar nu voor terug? Stank voor dank.

Sommige Overijsselse gemeenten hebben inmiddels in de gaten wat er dreigt te gebeuren. Dit nadat bewoners aan de bel zijn gaan trekken. Megastallen en varkensflats worden daar nu vaak unaniem afgewezen als maatschappelijk ongewenste ontwikkeling.
In Gelderland daarentegen zijn de gemeenten slecht voorbereid op de dreigende komst van megabedrijven. De Brabantse varkensboeren zijn ongetwijfeld al geïnteresseerd komen kijken.
Met kennelijk alle steun van het provinciebestuur, die de gunstigst mogelijke vestigingsvoorwaarden wil creëren.

LOG-bewoners: aan hun lot overgelaten
De voortvarende verplaatsing van de bedrijven gaat over de rug van de LOG-bewoners. Op de eerste plaats dreigt lokaal de norm binnen de Wet Geurhinder en Veehouderij te worden verlaagd, zodat meer stank is toegestaan dan de huidige norm. Weliswaar staat de wet dit toe. Maar eigenlijk zegt het provinciebestuur hiermee dat inwoners en omwonenden van zo'n Landbouw Ontwikkelings Gebied tweederangs burgers zijn. 'Accepteert u maar meer stank in uw woonomgeving van de nieuwe veebedrijven, ook al woonde u er al veel eerder.'
Op de tweede plaatst pleit het provinciebestuur bij gemeenten voor het toepassen van artikel 19 in de LOG's om wijzigingen in het Bestemmingsplan te kunnen versnellen. Wijzigingen die ongetwijfeld negatieve gevolgen hebben voor bestaand onroerend goed. Het toepassen van artikel 19 komt de zorgvuldigheid niet ten goede. Je zal er maar wonen. Het provinciebestuur heeft makkelijk praten. 'Not in my pig yard! 'lijkt het credo.

Verplaatsen van intensieve varkens -en kippen bedrijven is geen structurele oplossing. Het ene probleem wordt ingewisseld voor een ander probleem. Dit geldt voor de milieuproblematiek, maar ook het dierenwelzijn. Het is een duur circus waar vooral grootondernemende veehouders beter van wordt.
Maar, roepen voorstanders van de verplaatsingen, er komen luchtwassers om de ammoniakuitstoot terug te dringen. Luchtwassers zorgen inderdaad voor verminderde uitstoot. Voor de geur- en fijnstofemissies daarentegen geldt dit in veel mindere mate. Daarbij komt dat de verplaatste bedrijven veel groter worden dan zij oorspronkelijk waren. Hierdoor wordt een deel van de reductie te niet gedaan. Of nemen de totale emissies zelfs toe.
En als die luchtwassers nu echt een zegen van de techniek zijn. Waarom moeten de bedrijven dan verplaatsen? En waarom wordt dan een aanbeveling gedaan voor het verhogen van de stanknorm? Tel hierbij op dat het kabinet zo snel als mogelijk de dierrechten wil opheffen, waardoor het totaal aantal dieren in Nederland weer kan toenemen.
Met de LOG's dreigt het om veel redenen flink de verkeerde kant op te gaan.

De PvdD -fractie Gelderland is daarom van mening dat Landbouw Ontwikkelings Gebieden beter gereserveerd kunnen worden voor uitsluitend duurzame en diervriendelijke veehouderijbedrijven. De meerderheid van de bevolking is terecht tegen het houden van varkens en kippen zoals dat in de intensieve veehouderij gebeurd. De media staat bol van maatschappelijk verantwoord ondernemen met het oog op het milieu. Ook in het boekwerk met beleidsvoornemens van de heersende politieke partijen staat vrijwel op iedere pagina het woord duurzaam genoemd. Maar kijkend naar de bedrijfsverplaatsingen blijven dat alleen mooie woorden.

Waarom doorgaan met gemeenschapsgeld besteden aan een milieuvervuilende en dieronwaardige veehouderij, waarbij de eindproducten, vlees en eieren, ook nog eens voor 75% bedoeld zijn voor de export? Of, om oud-minister Veerman nog eens te citeren: "We importeren het voer, we exporteren het vlees, en de troep houden we hier." 

We hebben politici, boeren en burgers nodig die durven kiezen in dit kleine land, in deze mooie provincie voor een fris milieu en een ethisch aanvaardbare veehouderij. Want als we niets doen dan worden delen van Gelderland de lelijkst mogelijke agro-bedrijfsterreinen.