Wat voor beeld krijgen jonge kinderen van dieren voorgeschoteld en hoe komen zij in contact met dieren?
  • Tekenfilms: dieren zijn afgebeeld als mensen
  • Sprookjes: dieren spelen een actieve rol, vaak als verbeelder van negatieve menselijke karaktertrekken
  • Voorleesboekjes: dieren sprekend als mensen
  • Speelgoed: vaak wilde dieren als speelgoedkameraadjes; kleurplaten analoog aan de tekenfilms
  • Huisdieren: vaak hond en/of kat
  • Kinderboerderij: idyllisch beeld van de boerderij van vroeger
  • Dierentuin: "wilde" dieren als gezapige wezens, die er zich lijken te schikken in hun krappe bestaan.
  • Dolfinaria: het dolfijn gedresseerd en opgevoerd als "spontaan" artiest
  • Ponyrijden: de pony als voertuig
  • Circus: vermaak voor jong en oud, waarbij dieren kunstjes doen waarin zij mensen imiteren (verkleed), met de mens in superieure rol.
  • Winkelcentra: bij slager (prijst het varkentje of kip zijn eigen vlees aan), dieren in de etalage van de dierenwinkel. Of: een kameel of olifant als opluistering bij een opening van een winkel of manifestatie.
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

     

Begin 2013 deed de Dierenbescherming een onderzoek naar de kennis van groep 7 op de basisscholen over dierenwelzijn. Uit het onderzoek blijkt dat 70% van de leerlingen een huisdier als hond, kat, konijn of goudvis heeft. Tweederde van dieren is bij een dierenwinkel gekocht, terwijl 15% uit het dierenasiel is gehaald. Veel kinderen denken dat huisdieren het fijn vinden om opgepakt te worden. Dat is zeker niet het geval bij konijnen. Ook het gedrag van honden en katten wordt vaak verkeerd ingeschat.
Kinderen hebben het idee dat varkens en kippen in de veehouderij elke dag buiten komen. De meeste van deze dieren brengen hun korte leven door in donkere hokken.

Bron: Magazine Dier.

 

Jonge kinderen hebben te hoge verwachting van dieren

Baby's en peuters krijgen knuffelbeestjes om zich te vermaken en als gezelschap. Op kinderprogramma's als Sesamstraat zijn acteurs vermomd als dieren. Prentboeken en tekenfilms verbeelden het dier als sprekend kameraadje. Het gevolg is dat het kind verwacht dat een huisdier dezelfde amusementswaarde heeft en sterker nog: misschien wel liefde geeft. Het is geen wonder dat het kind zeurt om een huisdier, wie wil er niet zo'n trouw en intelligent kameraadje? Als ouder moet je dan sterk in je schoenen staan en niet meteen overstag gaan, want wie zorgt er voor het dier als het kind ontdekt dat het huisdier in de praktijk niet voldoet aan de verwachting? Dieren kunnen heftig van zich afbijten als het kind onzachtzinnig is in de omgang. Waarom spiegelen we een verkeerd beeld van dieren voor? Het heeft geen enkele voordeel voor de opvoeding van het kind. Kinderen zijn te jong voor het vervullen van die zorgtaak. Het is het dier dat de dupe is als het kind die taak laat versloffen.

     

Nergens komt het beeld van het dier maar in de buurt van de werkelijkheid. De boodschap is: het dier redt het wel, is vaak slimmer dan mensen en dat het wordt opgegeten vindt het prima. Kortom, het dier is het ideale gebruiksvoorwerp: verdient haar lot, klaagt niet en smaakt nog lekker ook.
De manier waarbij dieren in humor op een speciesistische manier worden benaderd, kleurt het beeld dat kinderen van dieren opbouwen op een neerbuigende manier (circus; de mens staat ver boven het dier).
Veel kinderen zijn uit zichzelf geneigd om dieren serieus te nemen, willen ook geen vlees eten als zij zich realiseren dat het van dieren afkomstig. Met de verdraaiing van de werkelijkheid van dieren ondermijnt de volwassene het morele denken van het kind en laat het voelen dat mededogen ongepast is. Het kind wordt langzaam voorbereid op de schizofrene manier waarop volwassenen met dieren omgaan.

 

Belangrijk voor een kind is empathie te leren: zich kunnen invoelen in de gevoelens van een ander. Voor dieren betekent dat zachtheid en respect. De dieren in de rollen hierboven lijken wel nooit pijn te voelen. Het leert kinderen een verkeerde vorm van liefde aan, waarbij liefde wordt verward met afhankelijkheid en geen afstand houden.
Guus Kuijer: 'Een kind moet leren dat er een verschil is tussen een knuffelbeest en een levend konijn. Als het dat niet leert bestaat de kans dat het arme beest wordt doodgeknuffeld. Een mens moet leren dat hij andere levende wezens, ook met de beste bedoelingen, pijn kan doen'.

     

Zie ook de videobeelden van kinderen die volwassenen imiteren door op dieren in te slaan op Belgische veemarkten.

 

Zie ook humor in de reclame en speciesistische humor.

Hier een overzicht van allerlei soorten vermaak met dieren en de bezwaren daarvan.