Kerstdiner 2008

Salade van geroosterde paprika
paprikamousse en huisgebakken focaccia
&
Courgettepaté
met tomatensaus

&
Risotto
met geroosterde pompoen en walnoten

&
Gestoofde bospeen
Spinaziesalade met blauwe kaas
&
Sinaasappels met sinaasappelsaus

(Vorige kerstrecepten? Klik op 2004, 2005, 2006, 2007)

Salade van geroosterde paprika

voor 4 personen
2 grote rode paprika’s
4 teentjes knoflook
peper &  zout
1 theelepel paprikapoeder
½  theelepel cayennepeper
Halveer de paprika’s in de lengte en verwijder de pitjes.
Leg de paprika’s met de bolle kant boven onder de grill tot de schil zwart gaat worden.
Doe de paprika’s in een plastic zak en sluit af. Trek na 15 min de schil van de paprika’s. Snijd de paprika’s in dunne repen.
Schil de knoflook en snijd de teentjes in dunne plakjes. Bak ze in olijfolie op zacht vuur goudbruin, pas op voor aanbranden! Schep de knoflook uit de pan. Bak daarna de paprikarepen heel kort in dezelfde pan.
Leg de paprika’s in een schaal en bestrooi met paprikapoeder, peper & zout en cayennepeper. Laat de smaken een uurtje intrekken en roer af en toe door elkaar.
Verdeel de paprikarepen over vier bordjes en garneer met de gebakken knoflook.
Kan een paar uur van te voren gemaakt worden.

Paprikamousse

voor 4-8 personen
150 gram geroosterde paprika (eventueel uit een pot)
20 gram amandelschaafsel
2 gedroogde tomaatjes
1 eetlepel gehakte peterselie
1 eetlepel olijfolie
1 kleine theelepel tabasco
1 kleine theelepel honing
zout naar smaak
Laat de paprika’s uitlekken. Pureer de paprika. Rooster de amandelen in een droge koekenpan en maal fijn.
Hak de tomaatjes fijn en maal even mee met de paprika.
Meng alle ingrediënten door elkaar en breng op smaak met zout. Lekker op een broodje of een toastje.
Kan een dag van te voren klaar gemaakt worden.

Focaccia

2 stuks
250 ml warm water
1 pakje gist (7 gram)
500 gram bloem
2 eetlepels gehakte verse rozemarijn
1 eetlepel olijfolie
1 theelepel suiker

1 theelepel zout
vers  gemalen zwarte peper
1 rode ui

10 zwarte olijven zonder pit
1 theelepel grof zeezout
Los de gist op in het water. Kneed de bloem erdoor samen met de rozemarijn, olijfolie, suiker, peper & zout. Kneed 3 minuten door, op een met bloem bestoven werkblad, tot een glad deeg (niet meer aan je handen plakt).
Laat 30 minuten in een afgedekte kom rijzen (tot het volume verdubbeld is).
Snijd ondertussen de ui in dunne partjes en halveer de olijven.
“Sla het deeg door”. Maak twee platte, ronde lappen (25 mm dik) van het deeg en leg ze op bakpapier. Druk de ui en olijven in het deeg. Bestrijk de foccacia’s met een beetje olijfolie en bestrooi met zeezout. Laat weer 30 minuten rijzen, onder plastic folie.
Bak in 20-25 minuten in een voorverwarmde heteluchtoven van 200 C tot ze goudbruin en gaar zijn. Snijd in dunne repen. Lekker bij de salade, de mousse en de paté.
Kan een paar uur van te voren gemaakt worden.

Courgettepaté met tomatensaus

8 plakken
500 gram
courgettes
3 eieren
100 gram feta
vers gemalen zwarte peper
beetje zout
2 eetlepels gehakte verse basilicum
2 eetlepels gehakte verse munt
2 eetlepels gehakte verse peterselie
Rasp de courgettes op een grove rasp. Doe de courgetterasp in een zeef, strooi er wat zout over en laat een half uur staan. Druk dan zoveel mogelijk vocht uit de courgetterasp.
Klop de eieren los. Verkruimel de feta.
Meng de eieren, feta en de gehakte verse kruiden door elkaar. Roer de courgetterasp erdoor en breng op smaak met peper en zout.
Bekleed een cakeblik (26 cm) van binnen met bakpapier. Giet het courgettemengsel in het cakeblik en zet circa 45 minuten in een voorverwarmde heteluchtoven van 150C tot de paté goudbruin en gaar is (als je er zachtjes op drukt voelt de paté stevig aan).
Laat de paté een beetje afkoelen. Til de paté, met behulp van het bakpapier, uit de vorm. Snijd in 8 dikke plakken. Verdeel de plakken over acht bordjes en serveer met tomatensaus en een plak foccacia.
Lauwwarm geserveerd het lekkerst.

Tomatensaus voldoende ter garnering van één courgettepaté
½ rode ui
1 teen knoflook
1 blik gepelde tomaten
2 gedroogde tomaatjes op olie
peper & zout
paprikapoeder & chilipoeder
2 takjes verse basilicum
suiker (indien nodig!)
Snipper de ui. Snijd de tomaten uit blik en de gedroogde tomaten fijn.
Fruit de ui in een beetje olie tot ze zacht is. Pers de knoflook over de ui en bak even mee. Voeg beide soorten tomaten toe en breng aan de kook. Draai het vuur laag.
Laat de saus minimaal 15 minuten sudderen, tot de saus een vrij dikke massa is geworden. Hak de basilicumblaadjes fijn. Breng de saus op smaak met peper & zout,  paprikapoeder, chilipoeder en basilicum. Voeg eventueel een beetje suiker toe om de zure smaak van de tomaat te verminderen.
Kan een dag van te voren klaar gemaakt worden.

Risotto met geroosterde pompoen en walnoten

4 personen

1 ui
150 gram risottorijst
50 gram wilde rijst
2 dl droge witte wijn
circa 500 ml paddenstoelen- of groentebouillon
100 gram taleggio (zachte Italiaanse kaas)
50 gram walnoten
verse zwarte peper
500 gram pompoen (met schil, zonder pitten)

Van te voren doen:
Week de wilde rijst 3 uur in een ruime hoeveelheid water. Kook de wilde rijst in circa 45 minuten beetgaar.

Snipper de ui. Verhit in een (gietijzeren)pan (met een dikke bodem) een klein klontje boter. Fruit de ui tot ze zacht is. Voeg de rijstkorrels toe en roer deze om tot ze glazig zijn. Giet de wijn erbij en laat zachtjes koken tot alle wijn is opgenomen.
Verwarm 500 ml groentebouillon. Voeg een paar lepels bouillon toe aan de rijst, als de wijn is opgenomen. Herhaal deze procedure tot de rijst beetgaar is, tussendoor af en toe roeren. (pas ervoor op dat het eindproduct niet te vochtig wordt!)

Ondertussen:
Snijd de kaas in kleine stukjes.
Rooster de walnoten in een droge koekenpan goudbruin en hak ze grof.
Was de schil van de pompoen goed en verwijder grote oneffenheden. Snijd het vruchtvlees in blokjes van circa 3 cm. Doe de pompoenstukjes in een bakblik met een beetje olie. Rooster in een voorverwarmde heteluchtoven in circa 10 minuten goudbruin en gaar.

Roer de gare wilde rijst en de kaas door de beetgare risotto. Breng de risotto op smaak met vers gemalen peper. Serveer de risotto (eventueel bolletjes maken met een ijsknijper) op vier borden. Garneer de risotto met de geroosterde pompoenstukjes en de walnoten.
Meteen serveren, op warme borden.

Taleggio, goede risottorijst en wilde rijst is te verkrijgen in de meeste Italiaanse delicatessenwinkels.

Spinaziesalade met blauwe kaas

bijgerecht voor 4-6 personen
100 gram verse spinazie
50 gram veldsla
100 gram (diepvries)doperwten
50 gram Spaanse (blauwschimmel)kaas
Dressing
7 eetlepels olijfolie
1 eetlepel witte wijnazijn
1 eetlepel witte balsamico azijn
3 theelepels honing
2 theelepels mosterd
Was en droog de spinazie en de veldsla. Meng ze in een schaal.
Laat de doperwten in koud water ontdooien. Snijd de kaas in piepkleine stukjes. Garneer de sla met de doperwten en de kaas.
Meng alle ingrediënten voor de dressing en schenk op het laatst over de salade.
Kan een paar uur van te voren gemaakt worden.

Gestoofde bospeen

bijgerecht voor 4-6 personen
1 bos bospeen (circa 500 gram wortel)
1 teen knoflook
2 theelepels geraspte verse gember
1 eetlepel sesamzaad
1 eetlepel honing
peper & zout
Maak de wortels schoon. Laat ze heel of snijd ze in dikke schuine stukken. Schil de knoflook en halveer. Schil de gember en rasp.
Verhit een beetje olie in een soeppan. Bak de wortels enkele minuten op half hoog vuur. Voeg de knoflook toe en bak even mee. Doe een deksel op de pan en draai het vuur laag. Laat de wortels circa 10 minuten stoven tot ze beetgaar zijn, af en toe omschudden.
Bak op het laatste moment de geraspte gember en het sesamzaad een minuutje mee. Roer de honig erdoor. Breng op smaak met peper en zout. Serveer lauwwarm.
Kan een paar uur van te voren gemaakt worden.

Sinaasappels met sinaasappelsaus

nagerecht voor 4 personen

4 handsinaasappels
2 perssinaasappel
75 gram suiker
5 blaadjes verse munt
Snijd met een kartelmesje de schil van de handsinaasappels. Verwijder ook de witte vliesjes. Snijd de sinaasappels met een kartelmesje in dunne plakken. Verdeel de sinaasappelplakjes over vier bordjes.
Pers de perssinaasappels uit. Doe het sap met de suiker in een pannetje met een dikke bodem. Laat het in circa 10 minuten inkoken tot stroopdikte (het mag geen karamel worden!).
Schenk de siroop over de sinaasappelplakjes en garneer met een blaadje munt.
Serveer met vanille-ijs of Griekse yoghurt.
De sinaasappels kunnen een paar uur van te voren gemaakt worden, de sinaasappelsaus op het laatste moment maken.