Achter elke menselijke beslissing zit een afwegingsproces van belangen. Wat je vandaag zult gaan eten, of je jezelf veganist noemt, is het resultaat van een beslissingsproces van afwegingen, meestal heel kortdurend. Op de langere termijn en als een aantal stappen gunstig zijn doorlopen leidt de afweging van belangen tot andere besluiten.
Niet iedereen zal de achterliggende afwegingen overigens logisch zal vinden. Wat voor de ene persoon een belangrijke emotie is, is voor de ander een irrationele dwaling. Toch kunnen we de emotie zien als een factor die meeweegt in een beslissing om iets te doen of te laten.

In dit essay beschrijven we het eetgedrag van de mens als liggend op een continuüm (lijn) van meer, via minder naar helemaal geen diergebruik. Aan de ene kant van dit continuüm liggen de zelfzuchtige overwegingen, bijvoorbeeld "vlees is lekker en gezond en dat daarvoor dieren moeten lijden, daar heb ik geen last van". Aan de andere kant van het continuüm liggen er de altruïstische overwegingen van de veganist die zo min mogelijk gebruik wil maken van dieren, zelfs niet of nauwelijks indirect, zoals sommige vegetariërs nog wel willen toelaten. Veel vegetariërs drinken nog wel melk, terwijl sommige veganisten geen foto's willen laten afdrukken als dat gedaan wordt met het dierlijke product gelatine.
 

 

Deze tekst is in iets andere vorm verschenen in het winter 2000 nummer van Gezond Idee!

Is de keuze om een veganist te worden een rationeel beslissingsproces? Als zoveel mensen tegen dierenmisbruik zijn, waarom zijn dan niet meer mensen veganist? Is veganisme alleen maar het nalaten van dierengebruik of levert het de veganist zelf ook nog wat op? Waarom voelen vleeseters zich zo snel aangevallen?

Op deze tekst sluit Titus Rivas weer aan met "De ontkenning van onrecht: existentiële angst als basis voor de miskenning van dierenleed"

en Veganisten als pioniers van de dierenemancipatie.

     

Meer en minder belangrijke factoren in de beslissing

Een belangrijk nadeel voor veganisten is het geringere aantal keuzes om aan eten te komen, waarvoor geen dieren zijn gebruikt of waar geen dierlijke producten in zijn verwerkt. Een belangrijk voordeel is een geruster geweten, maar dit kan ook als een vorm van egoïsme worden gezien.
Spirituele en gezondheidsoverwegingen kunnen redenen zijn om van diergebruik af te zien, maar kunnen ook weer komen te vervallen als de overtuigingen wijzigen. Iemand kan allergisch zijn en daarom geen vlees meer eten. Hij kan ook geen hormonen of minder vet willen eten. Het zijn egoïstische redenen, die niet echt te maken hebben met het welzijn van dieren.
Belangrijke factoren die beslissingprocessen in het algemeen beïnvloeden zijn informatie, verantwoordelijkheid en effectiviteit. Wie niet weet wat er in de voedselindustrie omgaat en onwetend is van het dierenmisbruik daarbij, zal niet snel geneigd zijn om het vlees te laten staan. Voor een goede afweging van belangen moet je weten en begrijpen hoe jouw eten geproduceerd wordt, je moet ook begrijpen dat het ook anders kan. Als je denkt dat het alleen maar op één manier geproduceerd wordt of als je denkt dat vlees onmisbaar is voor de gezondheid kom je niet snel op het idee te gaan zoeken naar alternatieven.
Ook is voor gedragsverandering essentieel dat je je verantwoordelijk voelt voor de effecten, die je eetgedrag heeft op het lijden van het dier. Voel je dat niet dan kan het zijn dat je wel de negatieve effecten ziet, maar niet jouw eetpatroon daaraan aanpast.
Iets dergelijks geldt ook voor de effectiviteit van je eigen gedrag. "Kan ik er wat aan doen en maakt mijn bijdrage iets uit?" zijn de vragen die mensen zich stellen. De massaliteit van vleeseetcultuur werkt negatief op de invloed die het individu voor zichzelf ziet om iets aan misstanden te verbeteren.
Naast de gewone afweging van voor- en nadelen van een bepaald eetgedrag speelt de omgeving in de vorm van sociale norm een rol. Een rol die nog duidelijker wordt als men zich als veganist kenbaar maakt. Mensen kunnen bevestigend of aanvallend reageren. Deze aanval vanuit de omgeving hoeft niet te betekenen dat men het niet eens is met de veganist. Het kan ook betekenen dat iemand zich realiseert dat hij zelf tekort schiet. Om dit tekortschieten te maskeren gaat men dan in de aanval. Dat maakt het vooral voor veganisten lastig om de reacties van anderen op hun waarde te schatten.

     

Samengevat in een model

Al deze overwegingen hiervoor beschreven zijn onderdeel van het attitude-gedragsmodel, vaak gehanteerd in de psychologie om het menselijk gedrag begrijpelijk te maken.
Schematisch en in stappen:

  1. Kennis en begrip van misstanden zet mensen aan het denken of aan het voelen.
  2. a. Voor- en nadelen van het huidige eetgedrag en van alternatieven worden afgewogen.
    b. De mening van belangrijke anderen uit de omgeving (bijvoorbeeld partner, buren, ouders, overheid) wordt ingeschat of nagevraagd en wordt eveneens afgewogen.
  3. Indien de afweging gunstig uitvalt voor alternatief gedrag, zal men voor zichzelf de intentie uitspreken om dat alternatieve gedrag te vertonen.
  4. Tegelijkertijd wordt een mening gevormd over de eigen verantwoordelijkheid en effectiviteit. Als dat ook positief uitvalt, dan is de kans groot dat men het gedrag verandert. Als de overweging op deze aspecten niet positief uitvalt, dan wijzigt men mogelijk zijn opvattingen, maar doet men er alleen niets mee.
  5. Mensen die besluiten om het alternatieve gedrag uit te proberen, doen daarmee ervaring op en dit leidt weer tot aanpassing van de (afweging van de) overwegingen achter de beslissing.

Samenvattend: het op de hoogte zijn van misstanden uit de bio-industrie hoeft dus niet altijd te leiden tot de keuze om veganist te worden, vooral niet als de afweging van voor- en nadelen van gedragsverandering ongunstig uitvalt. Dit kan bijvoorbeeld doordat men denkt dat veganistisch eten niet lekker smaakt, het allemaal toch niet helpt, men bang is voor de mening van anderen, men vindt dat allereerst de overheid moet ingrijpen.

   

Het beïnvloeden van de beslissing van anderen

Voor wie anderen wil overtuigen is het belangrijk om te weten hoe de ander staat in dit beslissingsproces en wat zijn of haar belangen zijn. Is de ander juist geïnformeerd? Is iemands gedrag consequent en in lijn met zijn opvattingen? Indien niet, dan is de kans groot dat de ander zich aangevallen voelt als hij daarmee geconfronteerd wordt en in de tegenaanval zal gaan. Dan is het beter om met een open houding een sfeer te scheppen waarin de ander zich veilig voelt om zijn twijfels op tafel te leggen.
Sociale normen en druk van anderen spelen een rol voor jong en oud. Wanneer de puber zich wil afzetten tegen zijn ouders, dan doet hij het tegenovergestelde van wat zijn ouders willen. Is de verhouding beter dan is de kans groter dat hij gezonde eetgewoontes overneemt.

"Role models" zijn personen die voor anderen een belangrijke voorbeeldfunctie kunnen vervullen. In de jongerencultuur kennen we de straight-edgers, die naast een veganistische en overigens sobere levenswijze ook bepaalde muziekvoorkeuren delen. Aan de andere kant werkt een te sterke afwijking tot stigmatiseren, wat remmend werkt op het overnemen van opvattingen. (Een "hanenkam" wordt niet snel serieus genomen door een "mantelpak".)
Iemand veganist maken is vrijwel onmogelijk. Het is gemakkelijker om de mensen er bewust van te maken dat je niet zomaar en schaamteloos gebruik van dieren kunt maken.
Het heeft geen zin om te proberen een ander persoon over te halen om veganistisch te leven als de afstand met die ander erg groot is. Wat dat betreft moet een veganist zich in eerste instantie bedenken, dat hij misschien wel gelijk heeft, misschien ook nog wel krijgt, maar dat er in de maatschappij van dit moment erg weinig factoren zijn die een veganistische levenswijze aantrekkelijk maken. Een portie geduld (bewaren) is essentieel.

 
Wanneer een gesprek tussen een veganist en een vleeseter goed mogelijk is en de vleeseter is geïnteresseerd in de voordelen van veganistisch leven, omdat deze bekend is met de nadelen van het eten van vlees, dan zou je het volgende communicatiemodel kunnen toepassen.
 
Model van communicatie
 
    inhoudelijk aspect    
zender expressief aspect boodschap appelerend aspect ontvanger
    relationeel aspect    
 

Hoe meer je weet over wat de ontvanger belangrijk vindt (wat zijn belangen zijn), des te effectiever je een boodschap kan overbrengen. Een vleeseter kan zich bijvoorbeeld ongerust maken over zijn gezondheid (belang 1) of zijn geweten speelt op door het eten van vlees afkomstig uit de bio-industrie (belang 2).

Stel dat je iemand wil overtuigen dat het stoppen of verminderen van vlees eten minder dierenleed en minder gewetensbezwaren oplevert, dan kun je het voorgenoemde model als volgt invullen:

 
Toegepast voor de veganist die een vleeseter wil overtuigen om minder vlees te eten:
 
    dierenleed veroorzaakt gewetensbezwaren    
veganist niet meer meewerken aan het veroorzaken van dierenleed levert mij een gerust(er) geweten op vlees eten uit de bio-industrie levert dierenleed op. minder vlees eten levert mij een geruster geweten op vleeseter
    een veganistische levenswijze zorgt voor minder gewetensbezwaren    
 

Het appel mag niet te zeer de keuzemogelijkheden van de ontvanger beperken of opgedrongen worden. Het gevolg is dat cognitieve dissonantie optreedt: de vleeseter gaat op zoek naar informatie en argumenten om het eigen geweten te sussen in plaats van het zoeken van steun voor het wijzigen van het eetpatroon.

Hier volgen enkele tips (afkomstig van het magazine Leven van de NVB):

  • Probeer erachter te komen welke centrale ideeën en meningen aan de basis liggen van iemands attitude. Schat aan de hand daarvan in welke dingen gevoelig liggen en houd daar rekening mee. Wanneer je geen enkel begrip toont voor normen, waarden of opvattingen die voor iemand heel belangrijk zijn, is de kans groot dat hij/zij zich voor je afsluit.
  • Probeer erachter te komen welke ideeën en meningen van iemand op feitelijke onjuistheden gebaseerd zijn. Probeer hem te laten inzien dat hij het bij het verkeerde eind heeft.
  • Probeer erachter te komen op welke informatie iemand zijn ideeën en meningen baseert. Als blijkt dat hij/zij slecht geïnformeerd is, reik hem/haar dan belangrijke ontbrekende informatie aan.
  • Probeer erachter te komen welke gevoelens en emoties onderdeel zijn van iemands attitude. Staan negatieve emoties en gevoelens een attitudeverandering in de weg? Probeer die persoon dan positieve emoties en gevoelens te laten ervaren (kook bijvoorbeeld een lekkere vegetarische maaltijd voor iemand die alleen ervaring heeft met slecht gemarineerde tofu).
  • Als iemand wel de intentie heeft om zijn gedrag te veranderen, maar ergens door wordt weerhouden dit ook echt te doen, probeer dan het obstakel weg te nemen.

Laat niet het betere de vijand zijn van het goede. Wanneer iemand onder druk van zijn geweten kiest voor biologisch vlees is dat beter dan een relatie te verzieken door er te nadrukkelijk op te wijzen dat de persoon ook had kunnen stoppen met vlees eten.

 

Het BNE-proces kunnen hanteren (Beelden Naast Elkaar)

In zijn boek over authentiek leiderschap maakt Bas Blekkingh duidelijk dat het erg moeilijk is om over 'waarheden' te spreken als je beseft dat selectieve perceptie onze waarheden verdraait. Het is zeer belangrijk dit te beseffen, wil je goed met anderen kunnen communiceren. BNE staat voor Beelden Naast Elkaar en is in zes stappen het basis-ingrediënt voor dialogen, onderhandelingen, coachingsgesprekken, feedforward en omgaan met weerstand. Het BNE-proces houdt rekening met selectieve perceptie. Je kunt BNE als techniek inzetten, maar eigenlijk gaat het proces veel verder. BNE gaat uit van de overtuiging dat er altijd twee waarheden naast elkaar kunnen en mogen bestaan, ook als de waarheid van de ander haaks staat op jouw waarheid. Er zijn altijd meerdere mogelijkheden.

Ieder mens heeft de neiging om vooral bij een aanval in de verdediging te schieten of aan te vallen (flight or fight). In de communicatie komt het er dan op neer dat de winnaar degene is die het hardst zijn mening kan laten horen. En dat is ook het doel, dat er iemand moet winnen, jij of de ander. Het BNE-proces heeft niet als doel dat er iemand wint, maar dat de beste oplossing gevonden wordt. Het is belangrijk dat je deze techniek beheerst, zodat je controle hebt over het communicatieproces.

 
Zie ook Titus Rivas over "moralisme als onterecht verwijt" (aan veganisten).