Wat is dioxine?
Dioxines zijn een groep zeer giftige chemische stoffen. Ze ontstaan vooral bij verbranding: afvalverbranding, de metaalindustrie, het bleken van papier met chloor en open vuur. In het milieu worden ze bijna niet afgebroken. In het lichaam van dieren en mensen hopen ze zich op in het vet. Het duurt 7 tot 11 jaar voordat de helft weer verdwenen is.
Bij een hoge dosis veroorzaakt dioxine een huidziekte (chloracne) en schade aan de lever. Een lage dosis gedurende lange tijd kan het afweersysteem schaden. Hetzelfde geldt voor de ontwikkeling van het zenuwstelsel, de hormonen en de vruchtbaarheid. De giftigste dioxine, TCDD, is door het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC) ingedeeld als kankerverwekkend voor de mens.
Dioxine in de voedselketen
Meer dan 90% van de dioxine die we binnenkrijgen, komt uit ons eten. Vooral uit vlees, zuivel, vis en schaaldieren. Dioxine slaat neer op weilanden en akkers. Dieren krijgen het binnen met gras, grond en voer. Het hoopt zich op in hun vet en komt zo in vlees, melk en eieren. Tussen mensen gaat dioxine vooral over tijdens de zwangerschap en via borstvoeding. Via mest komt het weer in het milieu.
Een tweede route is vervuild veevoer. In 1998 zat dioxine in citruspulp uit Brazilië, een grondstof voor veevoer. Bij latere crises kwam het via vervuild vet in het voer, zoals in België (1999) en Duitsland (2010-2011). Lees meer over hoe ziektes en gif via veevoer in ons eten komen.
In 2026 heeft de Europese voedselautoriteit EFSA de veilige wekelijkse inname sterk verlaagd: 0,6 picogram per kilo lichaamsgewicht. Dat is ruim drie keer lager dan in 2018. Volgens de EFSA krijgen Europeanen in alle leeftijdsgroepen gemiddeld meer binnen. Het gevoeligste effect is een lagere zaadproductie bij jongens van wie de moeder aan dioxine is blootgesteld.
Uitloopkippen en hobbykippen
Kippen die buiten lopen, pikken grond. Zit daar dioxine in, dan zit het ook in hun eieren. Onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR) lieten in 2006 zien dat de grond in delen van Europa vaak te vervuild is voor uitloopeieren die aan de Europese norm voldoen. In 2014 vonden RIKILT en RIVM ook in Nederland soms hoge gehalten dioxine en PCB's in eieren van particuliere kippenhouders. Daar komt PFAS nog bij: op veel plekken raden RIVM en GGD af om eieren van hobbykippen te eten.
Koeien in de uiterwaarden
In de bodem van de uiterwaarden langs de grote rivieren zit oude vervuiling. Runderen die daar het hele jaar grazen voor natuurbeheer, krijgen dioxine en PCB's binnen, vooral via de grond en via slib op het gras. De NVWA vond in 2020 te hoge gehalten in dit vlees. Volgens BuRO, het risicobureau van de NVWA, kan dit vlees bij geregeld eten een risico voor de gezondheid geven (2022). Ook "natuurvlees" is dus niet vanzelf schoon.
Besmettingen uit het verleden
Nederland: Philips-Duphar en de gifbelten
Philips-Duphar maakte van 1955 tot 1963 grondstoffen voor onkruidbestrijdingsmiddelen in een fabriek in Amsterdam. In 1963 ontplofte daar een reactorvat. Er kwam een dioxinewolk vrij. De fabriekshal was zo vervuild dat hij is afgebroken, in beton gegoten en in zee gestort. Het afval van de fabriek werd gestort op de Diemerzeedijk en in de Volgermeerpolder bij Broek in Waterland. In 1980 werden daar lekkende vaten opgegraven met veel dioxine. Het afval is niet weggehaald maar afgedekt. Sinds 2011 is de Volgermeerpolder een natuurgebied.
Nederland: afvalverbranding
In de jaren zeventig en tachtig was dioxine vooral bekend als luchtvervuiling door vuilverbrandingsovens. Het slaat neer op de weilanden en komt zo in koeien. In 1989 bevatte melk van boerderijen in het Lickebaertgebied bij Maassluis en Vlaardingen meer dioxine dan de norm. De bron was de afvalverbranding van de AVR in Rotterdam, toen de grootste bekende dioxinebron van Nederland. Sinds eind 2005 geldt een strenge Europese norm voor de uitstoot van afvalverbranders. De neerslag van vroeger zit nog in de bodem.
Seveso, 1976
De bekendste ramp gebeurde in 1976 bij het Italiaanse Seveso: uit een chemische fabriek ontsnapte een wolk dioxine. Het was één schandaal uit een hele reeks.
België, 1999
In 1999 werd gerecycled vet met PCB-houdende olie door veevoer gemengd. De inspectie wist het in april, maar pas eind mei werden maatregelen genomen. Kip en eieren moesten uit de winkels. Ook in Nederland werden honderden producten uit de verkoop gehaald. De Belgische ministers van Landbouw en Volksgezondheid traden op 1 juni 1999 af. Zie ook het overzicht van schandalen in en rond de veehouderij.
Hoe krijg je minder dioxine binnen?
Dioxine hoopt zich op in dierlijk vet. De WHO raadt aan vet van vlees af te snijden, magere zuivel te kiezen en gevarieerd te eten, met groente, fruit en granen. Het eenvoudigst: vlees, zuivel en eieren vervangen door plantaardig eten. Lees ook wat de gevolgen zijn van vlees eten en wat je zelf kunt doen.
Bronnen: WHO, factsheet Dioxins (2026); EFSA, advies over dioxines en dioxineachtige PCB's (2026); Schoeters en Hoogenboom, Molecular Nutrition & Food Research (2006); RIKILT/RIVM, dioxines en PCB's in eieren van particuliere kippenhouders (2014); NVWA/BuRO en WUR, natuurvlees uit de uiterwaarden (2020-2024); RIVM, dioxinen in koemelk rond de AVR (1989-1990). Bijgewerkt op 14 oktober 2026.
|