Het gevaar van antibiotica bij concentraties van dieren |
Antibiotica in de veehouderij: waar staan we nu?
Waar veel dieren dicht op elkaar leven, verspreiden ziektes zich snel. Daarom is de intensieve veehouderij lang afhankelijk geweest van antibiotica. Elke keer dat antibiotica worden gebruikt, krijgen bacteriën de kans resistent te worden. Die resistente bacteriën blijven niet in de stal. Ze komen via het vlees, de mest en de mensen die met de dieren werken bij ons terecht. Veehouders dragen bijvoorbeeld veel vaker de "varkens-MRSA" bij zich dan andere mensen. Lees meer in Bio-industrie maakt ook mens ziek.
Als bacteriën ongevoelig worden voor antibiotica, kan een gewone infectie weer levensgevaarlijk worden. Dat geldt voor vleeseters en vegetariërs. Het geldt vooral voor kwetsbare mensen in het ziekenhuis.
De cijfers
-77%verkoop van antibiotica voor landbouwhuisdieren in 2025 ten opzichte van 2009
+25%gebruik bij vleeskuikens in 2025, onverwacht
35.000doden per jaar in Europa door resistente bacteriën
De daling in Nederland is groot. Maar de Autoriteit Diergeneesmiddelen (SDa) maakt zich nog steeds de meeste zorgen over de kalverhouderij: daar gebruiken veel bedrijven structureel veel antibiotica. Lees meer in Zacht vlees, harde cijfers.
De cijfers gaan over wat dierenartsen voorschrijven en registreren. Illegaal gebruik valt daarbuiten. Ook coccidiostatica tellen niet mee. Dat zijn middelen tegen darmparasieten bij vleeskuikens. Een deel ervan is chemisch gezien een antibioticum. Ze zijn als toevoeging aan het voer gewoon toegestaan.
De regels
- 2006: de EU verbiedt antibiotica als groeibevorderaar in het voer.
- 2022: de EU verbiedt het preventief behandelen van hele groepen dieren. Bepaalde antibiotica zijn alleen nog voor mensen bestemd.
- 3 september 2026: ook vlees en andere dierlijke producten die de EU binnenkomen, moeten aan het verbod op groeibevorderaars voldoen.
Buiten Europa worden antibiotica in veel landen nog volop gebruikt om dieren sneller te laten groeien. Resistente bacteriën houden zich niet aan grenzen.
Virussen: een ander maar verwant risico
Antibiotica werken niet tegen virussen. Toch speelt hetzelfde probleem: veel dieren dicht op elkaar geven ziekteverwekkers alle kans. Het varken is een bekend "mengvat" van griepvirussen. De Mexicaanse griep van 2009 kwam uit varkens. Het vogelgriepvirus H5N1 besmet steeds vaker zoogdieren. In 2024 sprong het in de Verenigde Staten over op melkkoeien. In Nederland zijn sinds oktober 2025 meer dan 2,25 miljoen vogels geruimd. Lees meer in Is vrijheidsberoving erger dan doden?
Wat kun je zelf doen?
- Eet minder of geen vlees, zuivel en eieren. Minder dieren betekent minder antibiotica en minder kans op nieuwe ziektes. Lees Vlees eten: de gevolgen.
- Vraag niet om antibiotica bij de huisarts als die niet nodig zijn, zoals bij griep of verkoudheid.
- Kijk voor meer ideeën bij Wat je ook kan doen tegen bio-industrie.
Bronnen: SDa, Het gebruik van antibiotica bij landbouwhuisdieren in 2025 (juni 2026); Nieuwe Oogst, Antibioticagebruik veehouderij daalt in 2025; ECDC, 35 000 annual deaths from antimicrobial resistance; EUR-Lex, Verordening 2023/905. Bijgewerkt in oktober 2026. |
Zo was het in 2003-2005
Hieronder de oorspronkelijke tekst van deze pagina, met citaten uit kranten en radio uit die tijd. Antibiotica als groeibevorderaar zijn inmiddels verboden. De cijfers zijn sterk veranderd. |
Waarom wordt antibiotica zo veel gebruikt?
Antibiotica wordt al tientallen jaren toegevoegd aan
veevoeder voor varkens en kippen om een aantal redenen.
Het verkleint de kans op het uitbreken van ziektes tussen
de opeengepakte dieren. Daarnaast versnelt het de groei
van de dieren. Uiteindelijk scheelt dat de bio-industrieel
dus geld. De hoeveelheid antibiotica vermengd in het
veevoer is immens: een kwart miljoen kilo per jaar.
Het gevaar is dat de bacteriën in de ingewanden van
het dier resistent worden. Tussen allerlei soorten bacteriën
wordt deze resistentie uitgewisseld. Uitwisseling vindt
ook plaats tussen dier en mens. Normaal gesproken vormen
deze bacteriën geen gevaar, maar wanneer de mens verzwakt
is (bijvoorbeeld door een operatie) dan zal het toedienen
van antibiotica in het ziekenhuis de ongestoorde groei
van de resistente bacteriën in het zieke en kwetsbare
lichaam tot gevolg hebben. De kans is levensgroot dat
de patiënt vervolgens overlijdt.
Omdat het aantal soorten
bacteriën dat resistent is groeit, vermindert het aantal
soorten nog werkzame antibiotica en nadert dit aantal
de nul. Vanaf dan is er geen redding meer mogelijk voor
levensbedreigende bacteriële infecties voor vleeseters
en voor vegetariërs.
Weliswaar zijn bacteriën geen virussen, maar naar
schatting een op de drie varkens in Nederland
draagt influenzavirussen bij zich, overblijfselen
van de Spaanse of de Hongkonggriep -H1N1 en H3N2. Het varken is een bekend mengvat van virussen
en als H7N7 zich mengt met H1N1 of H3N2 dan ontstaat
er een griepvirus dat mensen kan besmetten én
nieuw is -de mens is er dus nog niet tegen beschermd
(Trouw, 17 april 2003).
Zo zijn vrijwel zeker de grote griepepidemieën
van de twintigste eeuw ontstaan: de Spaanse griep van
1918, de Aziatische griep van 1957 en de Hongkonggriep
van 1968, alle met vele miljoenen slachtoffers. |
Stijgt of daalt het gebruik van antibiotica?
Bij de vleesvarkens steeg het antibioticagebruik in 2005 het meest (met 10,1 procent) ten opzichte van 2004. Ook de zeugen kregen 6,3 procent meer antibiotica. Het antibioticagebruik bij deze dieren stijgt naarmate het aantal grootgebrachte biggen per dier stijgt. Vleeskuikens kregen in 2005 3,7 procent meer antibiotica.
Met deze stijging neemt het gevaar van resistente MRSA-bacteriën toe.
Wim Köhler schreef 26 april 2003 in de NRC:
"Meer dan de helft van de 9 miljard varkens
op de wereld leeft in China. En 70 procent van
het irrigatiewater dat Chinezen gebruiken is verontreinigd
met dierlijke uitwerpselen. Dat vergroot de kans
op het overspringen van virussen van dier naar
mens. Niet alleen de SARS-dreiging komt uit China.
In 1997 is daar ook een vogelgriepvirus ontstaan,
waar in Hongkong mensen aan zijn gestorven".
Virussen laten zich alleen bedwingen door isolatie.
En ze zijn uit te roeien door vaccinatie. Internationale
handelsverdragen vereisen echter open grenzen met vrij
verkeer van goederen. Die verdragen zijn tot stand gekomen
om de wereldhandel te stimuleren. Het is duidelijk dat
de gezondheidsaspecten daarbij een te ondergeschikte
rol hebben gespeeld. De virusuitbraken van de afgelopen
jaren maken duidelijk dat die situatie onhoudbaar is
geworden. Voor een oplossing op langere termijn moet
de volksgezondheid hoger op de agenda van het wereldhandelsoverleg
prijken".
Lees meer over De beestjes in ons (bol.com). |
Tienduizend doden door antibiotica-resistente bacteriën
Zo'n tienduizend mensen in Europese ziekenhuizen
sterven jaarlijks aan bacteriën die ongevoelig
zijn voor antibiotica. Dat heeft het Universitair Medisch
Centrum in Utrecht berekend in opdracht van de Europese
Commissie. De slachtoffers zijn meestal verzwakte patiënten.
Zij bezwijken onder meer aan de zogenaamde "ziekenhuisbacterie".
Volgens de onderzoekers moet er een nieuw soort antibioticum
worden ontwikkeld, anders zullen in de toekomst veel
infecties niet meer te behandelen zijn.
Tot zover BNR-nieuwsradio (april 2004).
Sinds 2004 zijn er maatregelen genomen om het gebruik van antibiotica beter te monitoren.
Volgens de sector is sindsdien het gebruik afgenomen, maar het vermoeden bestaat dat boeren antibiotica zelf toedienen en het niet meer door de veearts bestellen om kosten te besparen.
Het ongewenste effect daarvan is dat we niet meer weten hoeveel antibiotica er wordt toegediend. Het gemiddelde slachtgewicht is sindsdien niet afgenomen, vandaar het vermoeden op anonieme toediening.
Bij vleeskuikens worden zogenoemde coccidiostatica gebruikt.
Dat zijn antibiotica die niet zo hoeven te worden genoemd en dus preventief door het voer gaan. |
|
|