Is ruimen voor de export redelijk?
De wet vraagt een redelijk doel voor het houden en doden van dieren. Voedsel voor de eigen bevolking kan zo'n doel zijn. Maar er is een verschil tussen voedsel voor je eigen land en bulkproductie voor de handel met het buitenland.
Nederland houdt zijn pluimvee vooral voor het buitenland. Ongeveer 60% van de eieren en de helft van het kippenvlees gaat de grens over. Daar beconcurreert het de boeren in andere landen.
Een handvol bedrijven verdient eraan. Maar het hele complex rond de intensieve veehouderij levert maar 0,9 procent van ons bbp op. De schade aan gezondheid, natuur en klimaat kost ons minstens 9 miljard euro per jaar. Netto kost de bio-industrie ons land dus geld. Per saldo draagt het daarom niet bij aan de economie.
Er is dus geen onmisbaar nationaal belang bij de export van dierproducten. Gezonde dieren doden om die export te beschermen is daarom niet redelijk. Dat geldt voor de kip van een hobbyhouder net zo goed als voor de gezonde kippen in een stal.
Animal Freedom staat op het standpunt dat het houden van dieren voor de export in strijd is met het belang van dieren. Mensen die weigeren mee te werken aan het doden van hun gezonde dieren, hebben daarom het recht aan hun kant. |