Er moet een einde komen aan de fabrieksmatige veehouderij |
De mythe dat wij de wereld voedenEen groot deel van de Nederlandse veehoudende boeren is de weg kwijt. Op kosten van het dierenwelzijn en het milieu zijn ze langzaam maar zeker op jacht gegaan naar het grote geld. Aangemoedigd door de overheid, verleid door de banken en met stilzwijgende toestemming van de meeste burgers kozen ze voor groot, groter, grootst. Lees ook: Kunnen we de intensieve veehouderij missen? De landbouwmythe en haar sprookjes. Het heeft geleid tot een morbide systeem van grootschalige uitbuiting van dieren. Natuur en milieu worden, ook buiten Nederland, op grote schaal vernield om ons vee te voeden. Met het regelmatig dumpen van overschotten die onze volledig uit haar krachten gegroeide veehouderij oplevert, draagt Nederland fors bij aan de instandhouding van honger in delen van de wereld. De mythe van de wereldvoedselproducentHet is een zorgvuldig geconstrueerde en in stand gehouden mythe dat Nederland de wereld voedt. Onze bijdrage aan de mondiale zuivelproductie is 1,5%. De bijdrage aan de mondiale vleesproductie is iets meer dan 1%. Nederlands voedsel wordt in het buitenland bovendien vooral verkocht aan de rijke middenklasse. Het wordt niet ingezet om de 673 miljoen mensen te voeden die volgens de FAO in 2024 honger hadden. De agro-propaganda machine heeft er bij de burger een rotsvaste overtuiging ingeramd: de Nederlandse land- en tuinbouw is een belangrijke pijler van onze economie. We zouden, na de VS, de op een na grootste agro-exporteur zijn ter wereld. Een megaprestatie voor dat kleine landje aan de zee? De werkelijkheid achter de cijfersDe werkelijkheid ziet er iets anders uit. In 2025 haalde de landbouwexport een record van 137,5 miljard euro. Maar ruim een derde daarvan, 49 miljard euro, was wederuitvoer. Wij fungeren dan alleen als tussenstation, maar in de statistieken telt het als landbouwexport. Een ander deel bestaat uit geïmporteerde grondstoffen die hier worden bewerkt, zoals cacao tot chocolade. Ook wat wel in Nederland wordt geproduceerd, leunt zwaar op buitenlandse grondstoffen, zoals veevoer en energie. Het hele complex rond de intensieve veehouderij levert maar 0,9 procent van ons bbp op. De schade aan gezondheid, natuur en klimaat is volgens een maatschappelijke kosten-batenanalyse uit 2023 minstens 9 miljard euro per jaar. Netto kost de bio-industrie ons land dus geld. Per saldo draagt het daarom niet bij aan de economie. De mythe van efficiëntie en diervriendelijkheidEn dan is er nog de mythe dat hier het meest efficiënt en diervriendelijk wordt geproduceerd. In de berekeningen waarmee dat wordt aangetoond, blijft de schade aan natuur en milieu stelselmatig buiten schot. Er is in onze wetgeving inderdaad een begin van zorg voor dieren vastgelegd. Maar die wordt in veel gevallen met andere wetgeving weer ongedaan gemaakt. Zo werd het knippen van de snavels van kippen al in 1995 bij wet verboden. Maar de inkt was nog niet droog of via een algemene maatregel van bestuur werd het toch weer toegestaan. Pas in 2018 stopte het bij leghennen echt: 23 jaar later. En zo gaat het vaker. Deze website probeert het masker waarachter de veehouderij zich verschuilt, weg te trekken. Het geeft een onthutsend beeld van drogredenen, halve waarheden en hele leugens waarmee een reus op lemen voeten overeind wordt gehouden. Lees de artikelen hieronder of bekijk het overzicht op de sitemap. ProblemenWat er mis is met de bio-industrie
VerklaringenHoe het zo gekomen is
OplossingenWat er moet gebeuren
Verder lezenAchtergrond en verdieping
Bronnen: FAO, SOFI 2025 (honger in 2024); CBS en WUR, landbouwexport 2025; maatschappelijke kosten-batenanalyse intensieve veehouderij (2023); IKB Ei, snavelbehandeling (2018). Bijgewerkt op dierendag 2026. |
